is toegevoegd aan uw favorieten.

Utrechtsche studenten almanak voor ..., 1853, 1853

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

eens van kou konden sterven, maar tante Ilopkie wist, geloof ik, niet eens dat er kinderkens bestonden, en kort’ kon zij ook niet onderscheiden, aangezien zij nimmer warmte had gekend).

Mijnheer Schaler was de papa van wien Anna gesproken had. Hij was onbemiddeld, zeer onbemiddeld. Hij had zijne vrouw voor drie jaar verloren. (Of dit hem armer maakte laat ik bepaald niel in het midden). Mejufvrouw Hopkie, schoonzuster van mijnheer Schaler had geld (wie gesagt) Devinez s. v. pl. tout Ie reste. Maar mijnheer Schaler had wel een moreel ascendant over tante Hopkie.

Mr. Schaler was een lief en zeer intelligent man. Hij had eigenlijk een zacht karakter, en dat was ook altijd zacht gebleven, zoo lang als zijn vrouw leefde, maar sints de dood zijner trouwe, had de man schrikkelijk veel geleden. Huisselijke rampen, familierampen en daarenboven het verlies, voor slechts drie jaren, o het dreigde zijn zachtheid te overdekken met een ruwe, zeer ruwe laag. Hoe menigmaal was hij gemelijk, als alles hem scheen tegen te loopen, en vooral als tante Hopkie dan zoo hatelijk was en als dan die ééne van de twee Dominéés die op »de Nederlander” geabonneerd waren, een avondje bij hem kwam praten over een of ander nieuw idéé dan kon hij den volgenden dag zoo hard, zoo verschrikkelijk hard zijn, en dan weende Anna wel menigmaal-

3 .