is toegevoegd aan je favorieten.

Utrechtsche studenten almanak voor ..., 1853, 1853

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vermoeden en geven het gelaat iets overspannens en afgemats.

Zoo zit het mannetje dan te kijken in zijn prentenbijbel, met eene aandacht als ware hij tien jaar ouder geweest.

t Was stil in de kamer en alleen ooms pen verstoorde nu en dan de stilte door een eentoonig gekras.

Eindelijk brak tante die stilte af door oom te vragen naar een wissel die over veertien dagen zon vervallen. Oom zei er zijne opinie over, tante natuurlijk een andere.

«Moê, vroeg op eens de jongeheer, «een wissel, wat IS dat? Is pa zoo’n wisselaar als Jezus uit den tempel joeg, dan is hij zeker de verdoemenis deelachtig, niet waar?”

«Neen, lieve jongen, zei tante, «pa is geen wisselaar, en wat een wissel is zal ik u later wel eens vertellen.”

«Maar zou pa dan uitverkoren zijn?” vroeg de kleine al weder, «ieder die niet verdoemd is is immers uitverkoren?”

«Ja vriendje, daar weet ge nog zoo niet van,” zei oom, die ’t in opvoedingssysteem met tante in ’t geheel niet eens was.

«O ja, pa! daar weet ik heel veel van, meester Nevers heeft mij dat alles duidelijk uitgelegd. God heeft van den beginne af aan sommigen uitverkoren tot ”

«Jufvrouw, daar is mijnheer van der Vink,” viel plot-