is toegevoegd aan uw favorieten.

Utrechtsche studenten almanak voor ..., 1854, 1854

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

op te rigten aan den voor U en voor ons allen zoo gewigtigen dag. Ik heb de eer, namens uwe vele en dankbare leerlingen, het ü aan te bieden, met de vurige bede, dat uw verder'levenspad effen zij, tot het oogenhlik toe, dat aan de aarde eenen onwaardeerbaren schat zal ontnemen, maar aan den hemel eenen bewoner schenken, die het loon ontvangt voor zijne heerlijke werken. Dit is de bede van ons aller hart. God geve hare vervulling!”

Diep geroerd antwoordde de Hoogleeraar op de tot hem gerigtte woorden. Sprak aan den eenen kant diepe weemoed uit zijne taal hij de herinnering aan alles wat hem was overkomen, aan de andere zijde straalde daarin de vreugde door van zich door zoovelen omringd te zien, die een deel hunner vorming aan hem verschuldigd waren, en wier liefde den nevel verklaarde, die zijne levenszon verduisterd had, en hem een blij vooruitzigt op de toekomst gaf. Een warme handdruk hechtte het zegel aan zijne woorden, en bij eene latere gelegenheid, te zijnen huize den deelnemenden vrienden aangeboden, heeft hij het herhaald, hoe innig welkom hem dit blijk van vriendschap was geweest. En zij misgunnen hem de ruste niet, zoo welverdiend; doch ware dieniet bepaald bij de Wet, zij hadden gewenscht het rad des tijds in zijne vaart gestuit te zien en Prof. Suerman nog lang als hunnen leermeester te hebben behouden. Doch