is toegevoegd aan uw favorieten.

Utrechtsche studenten almanak voor ..., 1855, 1855

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

'ganschelijk niet tot de genoemde rubriek behoort, maar die ik hier toch niet met stilzwijgen mag voorbijgaan die Att pUlanthropen namelijk. Goddank, ze worden er gevonden, die oude jongeheeren, die niet deelen in den menschenhaat aan hunne soort eigen maar die hun gevoel van eenzaamheid trachten te vergeten door de zorg voor armen of weezen, voor weldadige inrigtingen ineen woord; die daarvoor noch tijd, noch geld, noch moeite sparen, maar al hunne krachten besteden tot heil hunner medemenschen. ’t Zijnregenten van armhuizen, burgerweeshuizen of soepkokerijen, ’t zijn schoolopzieners , onderwijzers, diakens of ouderlingen, en wat dies meer zij. Eere zij dien oude jongeheeren! Met diepen eerbied verdienen hunne namen genoemd te worden; ’t zijn schitterende starren in een donkeren nacht 1

Doch (dit mogen we niet voorbijzien) oude jongeheeren kunnen op verschillende wijzen tot dien treurigen toestand geraakt zijn ; öf buiten, of door hunne eigene schuld. En zeker, we mogen het met eenige voldoening verklaren, het eerste geval komt het meest voor. Ja, het is niet gering, het aantal dier beklagenswaardigen, die u nog vele blaauwe plekken als gedenkteekenen hunner ijverige, helaas vergeefsche, pogingen, om de gunst der schoone sekse te winnen, zouden kunnen aanwijzen, dier .charmante” jongelieden, die vergeefsch tallooze filtra hebben aangewend als zoovele stormrammen om het hart hunner uitverkorene te bestormen; en wilt ge een sterk sprekend blijk zien van den algemeenen afkeer van het