is toegevoegd aan uw favorieten.

Utrechtsche studenten almanak voor ..., 1859, 1859

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Opgeheven het treurend hoofd; den blik op de toekomst gevestigd, het verleden zij vergeten!

„Verloren ist verloren, und hin ist hin! "

Laat ons geen heil verwachten van ijdele droomerijen, nu we geleerd hebben, dat teleurstelling het einde is. Verzoenen we ons met de werkelijkheid, waarin we moeten leven, werken.

Daar is eene kostelijke kiem in ons harte gelegd; dat we haar ontwikkelen, dat we onzen zin voor het sehoone oefenen, dat het verhevene en het sehoone onze geniën zijn door het leven.

En dan de poezij? Zij is niet verloren.

Wc spraken van de rots der werkelijkheid. Tot nog toe zaagt ge in haar niets dan een’ onbehagelijken, konden .'vormloozen klomp. Welnu aanschouwt haar met onbeneveld oog, laat liet goddelijk licht der rede haar bestralen, straks wordt zij met duizend schoone tinten overgoten; hoogten en diepten, ruw en vlak, alles smelt zamen in één harmonisch geheel, waarin poezij met waarheid is vereend.

Die rots bestegen, broeders! Zij het pad ook steil, ’t voert hooger op, en aan verkwikking zal het niet ontbreken. .

MëÜen kracht! Ik wensch ze u en mij toe op A moejelijke levensreis.

Onze leuze zij en blijve: voorwaarts!

1 Nov. 1858. M—t.