is toegevoegd aan je favorieten.

Utrechtsche studenten almanak voor ..., 1859, 1859

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ijver stampte en trampte het kwantjen, en maakte in ’t vuur van zijn driftige opgewondenheid zooveel misbaars, dat VAuteur ie ses jours met andere woorden; papa uit de belendende kamer kwam toeschieten en het baloorige huwelijkspand niet, zooalsvroeger wel geschied was, in den proviziekelder opsloot (want een dure ervaring had geleerd, dat dit cellulaer-strafstelsel Bernards idealen-luilekkerland was geworden, als waar ’t ooft der kennis des goeds en des kwaads wat al te zeer onder ’t bereik van een kinderanntjen viel.) Neen, de Oorzaak zette zijn Gevolg Vader zette Zoonlief vrij hardhandig]ens op straat. Nu hield het huilebalken eerst nog wel aan; maar de Oude-heer zag het natuurlijk niet meer , en de bengel {synonymuui van ; Zoon) had er dns geen eer van.

Erger was ’t, dat het kaereltjen een zijner vriendtjens recht toe recht aan op zich toe zag komen : want hij schaamde zich al te zeer over zijn nieuw zoo hem dacht: kinderachtig kostuum, om zich niet onverwijld uit de voeten te maken. Ik weet niet, of sommige moralisten ook dit schaamtegevoel zullen houden voor een inspraak van het geweten, gelijk ze elders zoo vaak daarvan de stem meenen te hoeren; maar ik weet wel, dat in de onderwerpelijke omstandigheid zich een deus ex machina opdeed in de fonn eener dwarsstraat, welke aan ’tjongsken en aan deze epizode een welkom toevluchtsoord opent.

Weinig intusschen had het vcntjen berekend, dat

-M.

17