is toegevoegd aan uw favorieten.

Utrechtsche studenten almanak voor ..., 1861, 1861

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zeide Dora terwijl zij aan het gesprek dat tusschen liaar en Duvree gevoerd werd eene andere rigting scheen te willen geven.

1/Wa.t dat betreft jufvrouw Dora, ik bedoel jufvrouw u Bruning, kan ik u eene confessie doen. Frans »komt niet voor half zeven.«

//Hoe weet u dat mijnheer?//

// Wel omdat hij op mijn verzoek is opgesloten op // de kamer van een mijner kennissen. //

//Wel foei! mijnheer Duvree en waarom?//

vOm u de waarheid te zeggen jufvrouw Dora, ik //wenschte zoo gaarne eens zonder hem in uw ge« zelschap te zijn. //

Dora scheen plotseling een mooije roos te zien, hoewel zij er reeds honderd waren voorbij gegaan, plukte die af en zeide: //dat zij die eens even aan // hare tante wilde gaan brengen. •

// Mag ik die zoo lang voor u dragen dan kunt u // die straks aan uw tante geven ? ’t is hier zulk een jr lief gezigt 1 //

//Ah! daar is Frans!// zeide Dora naar den straatweg ziende, terwijl zijn komst haar thans meer scheen te interesseeren dan anders wel het geval was.

Frans, dien Duvree voor ’t oogenblik naar alle duivels wenschte, of des noods ten minste nog op Derkhoff’s kamer, kwam werkelijk met groote stappen langs den straatweg op het buitengoed aan. Zijne wraaklustige plannen waren door de koele avondlucht