is toegevoegd aan uw favorieten.

Utrechtsche studenten almanak voor ..., 1861, 1861

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Wie zal de gelukkige zijn?"

„ „Kees de Steur, die morgen zijn Juvenilia rondzendt." "

1,0 zoo. Wie krijgt van avond een serenade?"

„„Lankhout, omdat bij hem de 100,000 gevallen is ; en overmorgen is er komedie, dan moet de souffleur een serenade hebben, want die heeft er nog geen

gehad." "

„’t Is eigenlijk vervelend, alle avonden serenades. Ze moesten die dingen maar afschaffen. Er gaat ook haast niemand meer meê."

„ „Daar is wel wat waars in , maar als de een er een krijgt, moet de ander ze ook hebben, en dan, de commissie gaat toch altijd meê. Maar a propos, wanneer komen jou Juvenilia klaar?""

„’t Is een vervelend werk. Ik maak alle dagen zou wat 20 regels maar ik denk ze voor de paasehvakantie klaar te hebben, ’k Heb er al wat op gesuft! Die moesten ze ook maar afsehaffen."

„„Neen, ik vind het nog al aardig, dat je zoo een aandenken krijgt van al je kennissen. Wat geef je ze voor een titel ? "

„ Daar denk ik al over, maar ik weet het nog niet zeker."

„„Er zijn toeh genoeg b. v. Lentebloemen, Lenteloveren, Primulae Veris, Eerstelingen, Uchtendstralen, of eenvoudig : Juvenilia." "

„ Neen , zoo npem ik ze niet, dat’s zoo afgezaagd en