is toegevoegd aan uw favorieten.

Utrechtsche studenten almanak voor ..., 1862, 1862

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Laat ik u eerst eens het een en ander van mijn besten vriend Ernst van Hagen en van mijzelven vertellen.

Ernst van Hagen en ik, wij zijn te gelijk aan de Akademie gekomen. Vóór dien tijd hadden wij elkander nooit gezien, maar wij waren nog geen’ drie dagen op de series novitioruni ingeschreven of wij vonden reeds dat wij verduiveld fidele kerels waren, dat is te zeggen, wij vonden, dat wij datgene waren, wat wij student zijnde #fidele kerels/' zouden genoemd hebben, want die uitdrukking was ons toen nog even onbekend, als zoo vele andere dingen, die men eerst in zijn’ studententijd leert. Wij waren dagelijks bij elkander, maakten zamen visites, werden zamen ir gedonderd« of geprotegeerd , al naar dat het viel, ja wij -waren zoo onafscheidelijk van elkander, dat ieder, wanneer hij één’ van ons beiden zag, terstond ook aan den anderen dacht; Ernst en Gus ,of Gus en Ernst, dat volgde even gereedelijk op elkander als de .5 op de als Jonathan op Davici, als Phintias op Damon.

De vriendschap, die wij gedurende ons novitiaat voor elkander opvatten, ging semper crescendo gedurende onzen studententijd. ■—■ Hoe langer zoo meer zag ik in , dat Ernst iemand was , zoo als zij er maar weinig te vinden waren. Hoewel van aanzienlijke geboorte, liet hij zich daarop niet het minste voorstaan en was hij van oordeel, dat de klove, die in de maatschappij door geboorte wordt daargesteld, zeker niet in de studentenwereld , die wereld van koningen, gelijk in magt,