is toegevoegd aan uw favorieten.

Utrechtsche studenten almanak voor ..., 1862, 1862

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

nHm ! wij zullen er eens over denken » riep Sterf, terwijl hij zijn glas leegde.

//Daar ga je, Drits!// riep Ernst, terwijl hij de drie glazen weder vulde.

// Daar ga je , ad fundum usque! » antwoordde Storf.

Ook ik voegde mij bij dien dronk. Onze glazen rinkinkten en werden ledig wieder op de tafel gezet. Wij stonden op, namen onze sis-pence’s , zetten de petten op onze schedels, en alle drie verlieten wij Ernst’s kamer.

Toen wij de deur uitgingen stiet Ernst mij aan en Avees mij op iemand, die in een sukkeldrafje (zoo als men het pleegt te noemen) op eenigen afstand voor ons uitliep.

//Zie eens op uw horologie, hoe laat het is,// voegde hij mij toe.

//’tls kwart na elven," antwoordde ik, hem vragend aanziende.

» Accoord! die man, die daar zoo snel voor ons uitloopt is nu de dictaten-man, van wien ik U gisteren sprak; ’tis kwart na elven, het collegie is misschien reeds begonnen en hij mag het „ audiiores ornatissimi “ niet verzuimen ; van daar, dat hij er zulk eene vaart achter zet. //

»O! dat is die beroerde Grummel, die vent, die na zijne installatie nooit weer op de kroeg geweest is, een likker van het eerste water, // riep Storf verontwaardigd uit.