is toegevoegd aan uw favorieten.

Utrechtsche studenten almanak voor ..., 1862, 1862

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HEEFSTKLANKEN.

Is Herfst en de zonne houdt zich schuil en de huilt in ’t ronde en strooit verdorde blaren.

En daar wiegelt nog slechts één enkel blad aan i de dorre twijgen , en één enkele vogel laat nog hier en daar in afgebroken toonen zijn roerend lied weêrklinken.

Daar loeide reeds menige storm hem om het grijze hoofd. Hij heeft lief gehad —en hij is bedrogen in zijne liefde; hij heeft gehoopt en hij is in zijne hope teleurgesteld. Bedrogen liefde, teleurgestelde hope verdorde blaren.

En ziet hij is oud geworden oud en stram. De vrienden zijner jeugd, met wie hij was opgegroeid, de betrekkingen die hij lief had, hen allen die het hem soms deden vergeten hoeveel hij had geleden