is toegevoegd aan uw favorieten.

Utrechtsche studenten almanak voor ..., 1862, 1862

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Een haav’loos kleed, door scheur bij scheur

Ontvormd, hing raaf’lend om zijn leden.

V, Lennep, Ed. van Gelrf.

Schlafrock, Toffeln, Hose

Burger , zum Spaiz.

een met ijzre punt,

Hooft, Baeto.

Ziedaar! mijn held geschetst.

Anonymus,

Doch, in den hoop van die er achtertreden ,

Vraegt meer dan een zijn buerman; „maer wie is ’t

Nu toch ?

V, Beers, op de Kermis,,

Wat vreemde waagt zich, dus vermetel.

En ongenood en onverwacht

Alhier ?

V. Lennep j Jac. en BerfJia,

‘SiSi Si TIJ finéaxip iScop t; nhjsiov üXXov ■

Homerus j Ilias,

Millies audivi.

Terentius, Andria.

En wat die man daer fluisterde , was waer.

Beers, op de kermis.

Grosz ist der Augeiiblick, hier kommt er selbst

Göihe , Mahomel.

zur Thür hinein

Góthe, Eausf.

De zware kamp vangt aan !

H. 11. Klijn, Zelfstandigheid.