is toegevoegd aan uw favorieten.

Utrechtsche studenten almanak voor ..., 1863, 1863

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

betrekkelijk, want de woorden: „Meneer u ziet er zoo bleek uit,” weerklonken nog altijd in zijne ooren. En die man die dat gezegd had , hij gevoelde het instinctmatig, die man. . . . dacht er altijd het „zou u ook soms” bij. Dat „u ziet er zoo bleek uit”, ~ . verschrikkelijk denkbeeld, was een tooverwoord, dat hem zijn eentje ontnemen zoude, het „zou u ook soms”, verklaarde, dat hij zijn tweetje reeds verspeeld had en het, „’t is jammer van roervink” door likgraag uitgesproken, z0u.... (het was altijd mogelijk maar toch niet denkbaar) welligt hem den doodsteek toe kunnen brengen. En dan zijne arme moeder ? die goede zorgende vrouw, die haar geheele leven haren geliefden felix tot een’ afgod had verheven, steeds zijne feilen verbloemd had, en die van alles wist, hoe diep, diep ongelukkig zoude zij zijn! Arme vrouw, gaarne zou zij zich voor de voeten van EüMELiAs geworpen hebben om het genade af te smeeken voor haar kind. Maar op dien stond meenden reeds beide ouders, zoo als ik later uit goede bronnen vernam, dat het mis zoude loopen met den armen jongen, want onmiddelijk na de beproevinge was een tweede brief tot hen gekomen van den beproever, dat het slecht met den knaap gesteld was.

Thans , waarde lezer , tot ons onderwerp teruggekeerd. De held is voor de poort van het Academie-gebouw genaderd en treedt binnen.

„Bravo I hooren wij de op elkander gepakte menigte, welke zich bevindt in den gang, leidende naar het