is toegevoegd aan uw favorieten.

Utrechtsche studenten almanak voor ..., 1864, 1864

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zijne gantsche Herculische zwaarte gerust , op het door cachemire omhulde exteroogeliju der herfstachtige donna, die dat ontzettend geluid had voortgebracht , hetwelk aan den lach van den hyena herinnerde. Uitputting en onmacht was op dien kreet gevolgd. De jonkvrouw lag in gratievollen zwijmel, en de panache van heur hoedjen , die sprekend een scheerkwastjen was, hing droefgeestig neer langs haar stuiptrekkend wezen als treurde zij om de bezoeking der arme gebiedster.

„Lieve G..! wat is hier te doen?” vroegen eenige Leidsche jongelui die bij toeval met hunne bassende doggen en new-foundlanders op de platform waren.

„Och! grinnikte de amptenaar die alle mogelijke genera en species van appelflaauwten en vapeurs brutaal weg voor apenkooi verklaarde die vrouw heeft geloof ik een ligten aanval van cauehemar, waerschijnlijk wat zwaerr gedineerdvoegde hij er onderrichtend bij.

„Conducteur hé! och keef eens ’n klaasken waat voor die daam” vroeg de Oost-Indische ; „ehja?”

„Mevrouw we hebben geen tijd meer !” en met onverstoorbare kalmte galmde hij zijn monotone octophtonch:

„IlaAgdelfschiédemerotterdam !”

' „Kassian hé kassian!” zuchtte de kanariegeele collegiante, met een sterk geprononceerd Maleisch