is toegevoegd aan uw favorieten.

Utrechtsche studenten almanak voor ..., 1865, 1865

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

putatien, alsmede Privata Collegia te houden.” Zijne stem werd echter niet gehoord. Het monopolie der professoren bleef bestaan en vooral in het laatst der vorige eeuw klaagden de buitenlanders over de verregaande duurte van het onderwijs aan onze academiën.

Aanzienlijk was dan ook het onderscheid tusschen de kosten van het academiesch onderwijs in dien tijd en in de eerste jaren na de stichting onzer hoogeseholen. De eenigste onkosten, in de Utrechtsche statuten van 1644 genoemd, waren 15 stuivers bij het inschrijven in het album en 4 stuivers elk jaar bij het herzien van den bul. En zelfs van deze kosten werden nog vele vrijgesteld. ')

Te Utrecht werd zelfs het promoveren zoo onkostbaar mogelijk gemaakt, door de bepaling dat de theses op stadskosten zouden gedrukt worden. Later echter zal de studie wel hier even als te Leyden

*) Zie de //Naamlijst van de Studenten sedert de oprichting der hoogeschool te Groningen ingeschreven”, te vinden achter de Gron. Stud.-Alm. van 1853 tot nu toe. De inschrijvingsom bedroeg hier 18 stuivers. Behalve het «gratis honoris causa”, //gratis merite”, «merite patris”, het «gratis qnia professoris vel cnratoris filins” vindt men hier ook opmerkelijker redenen, zoo als het «gratis quia exul,” het «gratis ob afilictuin Hungriae statum” (1663), «gratis quia exhanstus itineris sumtibus,” «gratis quia spoliatus in itinere” (1638), «gratis quia renunciavit Papatui” (o. a. 1653 en 1653).