Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

allerlaatste woorden dies qtnnque is op den steen met den besten wil ter wereld niets te bespeuren. Immers dat de lacune eindigt met de verkorting gue, en hiervoor guiti moet worden is eene van grond ontbloote onderstelling. Genomen ook, dat aan de op de lacune volgende, werkelijk eene 3 ware vastgehecht, gelijk de photographie des heeren P. ze vertoont, zij zou daarom nog niet als ue aanduidend behoeven beschouwd te worden. Een verkortingsteeken dat er ongeveer als eene 3 uitziet kan in middeleeuwsch schrift allerlei beteekenen. Men ziet het zeer dikwijls aan eene s gehecht, en dan heeft men sed te lezen. Men vindt het in Middelnederlandsche handschriften menigmaal achier voers, en dan moet men lezen voerseyd. Maar blijkens de kleinere photographie des heeren Y. H. vertoont de steen niet eens dat verkortingsteeken: achter de g ziet men er eenvoudig vier punten, twee aan twee boven elkander geplaatst, kennelijk overblijfselen eener u, die er gestaan moet hebben, en daarboven een verkortingsteekentje, dat er volgens de photographie des heeren P. als een klein geheel verticaal streepje uitziet, maar volgens die des heeren V. H. den gebogen vorm van een >-tje, waardoor gewoonlijk ur of er, ook wel hir of ter werd aangeduid. Alles derhalve pleit er voor om in plaats van guingue te lezen guater welk woord hier toch bepaald wordt gevorderd ter aanduiding van bet jarental 400. Want de onderstelling des heeren P. volgens welke achter de geheel gave hoofdletter C, waardoor de lacnne wordt voorafgegaan, in de lacune zelve nog drie andere hoofdletters C gestaan hehben, is onaannemelijk. Men zou in dat geval althans nog de toppen dier drie O’s boven de lacune, welke tamelijk lang.

Sluiten