Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en lankmoedigheid te werkgaan; waer die gehelen soe zwaer ende oepenÜicl gevielen ende gehuerden, dat men daer een ander insien solde moeten tho hellen, in welden die persoenenyrst vrunteliden int particulier eens offt tweemael vermaent hellende, sal voerts doen gelied die disciplina ecclesiasticg ende die JEvangelysche ende Apostolixe leringhe vereischt.”

Den 23®“ Juni werd van Plo voor den tijd van drie jaren tot vicecureit aangesteld, doch zonder dat van de aanstelling een notarieele acte werd opgemaakt. Het door hem in zijn bezwaarschritt gedane beroep op het koninklijk bevel, om verdachte personen te denuncieeren, deed de argwaan, welken de raad, ten gevolge van hetgeen men „vlochmeersche wyze” vernomen had, tegen den nieuwen vicecureit koesterde meer en meer toenemen. Zij namen tegenover heer van Plo de uiterste grens der voorzichtigheid in acht, ja waagden zich zelf over dien grens heen, en veroorloofden zich dingen, waartoe de voorzichtigheid hun geen recht gaf.

De aanstelling was nog niet officieel verleden, toen er een gebeurtenis plaats greep, die den weerzin van de regeering tegen den vicecureit nieuw voedsel gaf. Omstreeks het einde van Juli of het begin van Augustus 1567 kwam een zekeren Mr. Quyryn Dyrckssen van Haerlem vergezeld van zijne dochter Ursula met scheepsgelegenheid naar Kampen. Onder hunne medereizigers bevond zich ook de rector van het h. Greest-gasthuis Gaspar Holstech, die hij de godsdienstige woelingen, welke het vorige jaar in Kampen hadden plaatsgegrepen, den hoofdrol gespeeld had, bij de invoering der Hervorming de eerste predicant werd en in 1612 aldaar overleed. Deze ergerde onderweg zijne medereizigers door afschuwelijke godslasteringen welke hij tegen het H. Sacrament

Sluiten