Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

deren van Jonker Huibert Edmondz. van Buchell *), als erfpacbt-heeren, „verleyd en verleend hebben... „Aldert Leen in plaatse van deszelfs overleden vader „Jacob Leen” ... (1°) met zekere huyzinge en erven „staende en gelegen aen de westzijde van de Vaert „aan ’t zuyd-einde van dezelve, daar zuidwaarts voor„been Jacob Leen nu Aldert Leen cum annexis naest „gelegen is, jaarlijks op een canon van 5 guld. te „betalen Martini in den winter; . .. ,(2“) met zekere „huyzinge en erve staande en gelegen (als voren). . .. „daar ten zuyden nu denzelven Aldert Leen en ten „Noorden Otto Oornelis de Haart naastgeleegen zijn, „jaarlijks op den canon van zes gulden, te voldoen „Martini in den winter.” Deze twee erven vormden blijkbaar de Vaartsche kostschool; doch haar bloei was thans geweken. Op 28 November van hetzelfde jaar werden beide panden bezwaard met eene plecht van 3000 gl. en vier jaren later op 23 November werden ze door Aldert Leen voor de som van 1170 gl. verkocht aan Oornelis Hogenkamp. Deze werd op 17 Mei 1794 door dezelfde erfpachtheeren met beide perceelen beleend, en de acte, hem verstrekt, zegt uitdrukkelijk dat het noordelijke was „geapproprieert tot een kostschool.” Sinds dien geen melding meer van haar; zij daalde

*) Deze was in ISbT en vervolgens kanunnik van St Marie te Utrecht, kwam na 1570 tot afval, vestigde zich te Keulen en stierf daar op 18 Mei 1599. Bij uitersten wil van 20 September 1579, later gevolgd door verschillende nadere beschikkingen, sloot hij zijne verwanten uit van alle aanspraak op zijne nalatenschap (wijl ze voorheen bij de deeling der ouderlijke goederen hem erg hadden tekort gedaan) en vermaakte hij heel zijn aanzienlijk bezit tot een blijvende stichting ten bate van honderd schamele armen der stad Utrecht. Tot deze stichting alzoo behoorde het hier besproken goed.

Sluiten