Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zijn Carolus van Heeck, die van 1794 als pastoor te Bolsward staat, terwijl Henr. Christ. in 1795 pastoor werd te Bakhuizen.

Joannes Petrus Nuys. Geboren te Emmerik en priester gewijd in 1798, staat hij als kapelaan te Soest tot 1804, komt dan herwaarts en wordt in 1807 pastoor te Naarden. Het Archief heeft het dus hl. 291 van het I®‘® deel stellig mis. In October 1807 is de Wit reeds te Houten en Nuijs gewis ook te Naarden.

Gijsbertus van den Berg. Priester gewijd den 8 Juni 1805, wordt hij eerst kapelaan te Houten en is dan hier van 1807 als zoodanig werkzaam, totdat hij op 2 Maart 1810 overleed.

Joannes Allart. Geboren te Utrecht en priester gewijd den 24 Februari 1809, stond hij hier als kapelaan van 1810 tot 1816 en vertrok toen als pastoor naar Khenoij, waar hij reeds den 18 April 1819 aan de daar heerschende typhus in den ouderdom van 34jaren overleed.

Antonius Gerardus van Dam. Geboren te Utrecht den 14- April 1788 en priester gewijd den 11 Juni 1811, wordt hij eerst kapelaan te Hilversum tot 1813 en dan te Culemborg. In den zomer van 1816 komt hij als kapelaan te Ankeveen. Na den dood van pastoor van Benthem is hij hier gedurende twee maanden deservitor en vertrekt dan als kapelaan naar Utrecht. Op den 4 Mei 1819 gaat hij als pastoor naar Schoonhoven en in den herfst van 1826 naar Vianen, alwaar hij den 14 November 1855 overleed.

Onder pastoor Smits waren hier achtereenvolgens als kapelaans werkzaam :

liermanus van Miltenburg. Geboren te Harmelen en priester gewijd te Munster den 1 Augustus 1817, werd hij eerst kapelaan te Eemnes, daarna van 1820 tot 1824

Sluiten