Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de Kamper parochie bestuurd hebben, zijn in bet stedelijk archief weinig levensbijzonderheden te vinden. Wat mij omtrent ben bier en daar onder de oogen kwam, deel ik bier tot aanvulling van mijne bijdrage over de „Gureiten van Kampen voor de Hervorming” bij wijze van nalezing mede.

Omtrent de vicecureiten gedurende de veertiende eeuw geeft ons althans voor zoover mij bekend bet stedelijk archief geene inlichtingen, en uit de vijftiende vloeien ons de bijzonderheden ook zeer spaarzaam toe. De eerste, wiens naam ik aantrof, is:

ALBBRTÜS VIBKEN ,

die den Februari 1471 eene vicarie stichtte op bet altaar van St. Olof in de Bovenkerk (vgl. n®. 726 coll. n®, 695 Sted. Arcb.). In deze oorkonde wordt bij genoemd Alb. Visken vicecuratus Oampensis.

Reeds in 1475 bad bij zijn ambt neergelegd en Kampen metterwoon verlaten, waarschijnlijk om zich te Utrecht te vestigen, waar bij een canonlcaat in den Dom verkregen bad. In bet boek van Recognitiën toch leest men onder 1475 :

«Anno m cccc Ixxv.

Heer Albei't Visken Ganonic ten Doem t Otrecht makel mechtich Johan Jacobss. synen neven in synen naeme van synen wegen ende tot synre behoef in toe wynnen ende op te boeren mit vruntscap of mit rechte alsulcke pacht, renthe, schuit ende andere goederen, roerende ende onroerende, als men hem schuldich is of schuldig worden zal, ende hie nu heeft off hem ancomen sal bynnen ende huten die stat Campen , woe ende wair die syn ende gelegen moegen wesen, daerynne te doen, te laten toe wynnen ende toe verliesen gelyk her Albert selven in meliori forma.»

Na hem, misschien wel als zijn onmiddelijke opvolger, kwam m‘' Johan Hoerenze of Rorrens, die op de lijst der defuncti van de scbepenmemorie voorkomt

Sluiten