Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

verlaten en in hunne plaats trad een seculier priester, heer Conradus Voorst.

«Op dit versoeck, zoo vervolgt Waeyer, is anno 1675 naer Allerheyligen van sijn hooghwaerden van Castorien hier gesonden heer Conradus Voorst van Emmerick, niet als een capelaen bij den heer van Twickell (daer hij alleen sijn verblijf badde) maer als een wettelijck pastoor van Campen, gelijck de opene machtbrief uitdrukkelijck medebrengt.

«Hij is om sijn crancheyt int laetste van Junius 1678 na Emmerick gereyst, alwaer hij den 6 September overleden en begraven is.»

THEODORÜS VOORST

1678—1690.

„In dit selve jaer (1678), zoo vervolgt Waeyer, is sijn heer Broeder Tlieodorus Voorst van sijn Hooghw. hier in sijn plaetse als pastoor gesonden en heeft daer sijn eerste predicatie den 21. September gedaen ende vervolgens alle de Pastorale plichten bedient 1”

Theodorus had zijn broeder reeds tijdens diens ziekte als assistent bijgestaan. Waarschijnlijk vergezelde hij zijn zieken broeder naar Emmerik, vanwaar hij na diens overlijden naar Kampen terugkeerde. In den beginne woonde hij bij Mevrouw van Oldeniel, doch na een verblijf aldaar van anderhalf jaar, verliet hij

') Dit komt overeen met de eigenhandige aanteekening van pastoor Theod. Voorst in bet doopboek: «Anno 1678, 20Septembris, stylo vetert, vent Campos ut successor fratiis, qui obiit 6/16 Septembris, et a meTheodoro Voorst baptizati sunt sequentes.»

2) In het doopboek teekende hij den 6 Juli 1678 aan; «A me Theodoro Voorst supplente vices pastoris et fratris Conradi Voorst baptizata Henrica Henderichs.»

Sluiten