Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zoekt men er te vergeefs. Maar wat mijns inziens de zaak geheel en al ten nadeele van Wijtwert beslist, is het stilzwijgen van den kroniekschrijver Emo, eerst proost, later abt van Bloemgaarde (Floridus Hortus) een klooster van Premonstreit, dat te Wittewierum in het begin der dertiende eeuw gesticht werd, en met Rozenkamp of Nijeklooster bij Jukioert onder Appingadam ééne abdij vormde.

»De tot ons gekomen annalen van Bloemgaarde bevatten; i" Een kroniek, geschreven door Emo, den eersten abt, en loopende van ongeveer 1204 tot 1234; 2® Een kroniek, vervolg op die van Emo, geschreven door Menko, den derden abt, en loopende van 1237 tot het begin van 1273. 3® Een vervolg op 2® van een ongenoemde, loopende tot nagenoeg het einde der dertiende eeuw.

»(Deze) kronieken zijn in twee handschriften tot ons gekomen, die beide op de Universiteits-Bibliotheek te Groningen bewaard worden. Het oudste en verreweg belangrijkste is de' zoogenaamde Groningsche codex, een perkamenten H. S. in 8“ van de dertiende eeuw. Het H. S. bevat de kronieken van Emo en Menko; het vervolg op Menko wordt hier niet gevonden .... De andere codex, gewoonlijk de friesche genoemd, een H. S. op papier in f" uit de zestiende eeuw, bevat in zeer gebrekkig afschrift de kronieken van Emo en Menko met vele bekortingen en met weglating van vele aanzienlijke stukken, en bovendien het vervolg op Menko, dat nergens elders wordt aangetroffen.” i)

In het Chronicon van Emo nu vindt men met geen

1) Aem. W. Wybrands. De abdij Bloemhof te Wittewierum blz. 176—v.v. De kronieken werden uitgegeven door A. Matthaeus in het derde deel zijner Veteris aevi Analecta. (In den tweeden druk

Sluiten