Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

heeft gehoordt aende Canoniken Regulier van ordre van St. Augustijn, welcker congregatie aller cloosters wordt genoemt capitulum Windeshemiense, daervan de Generael woondt tot Torn (?) int’ clooster van St. Marten. Ende t’ clooster van Windesheijm is gebout ao 1386, volgens Slichtenliorst fol. 163 in fine. Int' selve heeft gewoont Thomas a Kempis ende is aldaer zijn lichaam gevonden ende opgegraven door den Cheurfurst van Coln inden Franschen oorlog.

HoocliEd. ende Gestr. onderdanichste dr.

CoRN. VAN Steenter.

De opgraving van Thomas a Kempis’ gebeente, door den Keulschen keurvorst, geschiedde in 1672, en de herinnering aan dit feit bewijst, dat de onderhavige stukken op hun vroegst tegen het einde der 17® eeuw zijn ontstaan. Corn. van Steenter, die Slichtenhorst i) citeert, zal als dilettant in locale geschiedvorsching door een Hoog Edelmogende zijn geraadpleegd over de geschiedenis van het klooster Windesheim en wellicht bij die gelegenheid, om zijn gebrekkige kennis wat op te smukken, een drietal oude oorkonden dienaangaande hebben ... nagemaakt.

Vermoedelijk hebben deze nagemaakte stukken een plaats gevonden in het familie-archief van een adellijk geslacht op de Veluwe, dat zich met Albert van Wijnbergen geparenteerd achtte. En zoo kunnen ze in het bezit van den tegenwoordigen eigenaar geraakt zijn.

Onze dankbaarheid voor de hoffelijke tegemoetkoming, die ze ter publicatie beschikbaar stelde, blijft er desniettemin even groot om.

Dr. G. brom.

1) X/y. Boeken van de Gelderse Geschiedenis. Door Arend van Slichtenhorst. (Arnhem 1654).

Sluiten