Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

']'ertia stirps Clarae-Campi: Hierusalem, vulgo Gerskloester a), i) ex qua Galilaea, alias Vrouwen-kloester ö)

Cap. 111. Encomium Clarae-Campi.

In Claro-Campo viror est et flos animarum

Illic pascuntur, quibus arva superna dabuntur

Hoe et praesentes et post norint venientes

O fortunatum, sed plus quam pascua patrum

Floribus infectum Gedeonis dulce viretum

Ilermonii rores, qui flores dant et odores

Sicut agri pleni super omnia germina foeni

Haec domus est Christi pater Eyzo quam statuisti

HS. P'.G. rr. Gerskloster. b) Wrouwenkloster.

quam mulieres habitum mouialium gerentes« welke bewoucrs echter «voluut... ab invicem separari, ita quod fiaut duae abbatiae, una moiiachorum et altera mouialium.»; Dit besluit der kloosterlingen van de orde van Sint Benedictus te Menterwold, om voortaan van elkaar te gaan leven, was de vervulling van een der eerste en voornaamste eischen om in de orde der Cisterciënsers te kunnen opgenomen worden, daar de strenge opvatting van liet kloosterleven en van de kloostertucht der Cisterciënsers geen dubbelklooster gedoogde.

De splitsing van dit Benedictijner-dubbelklooster moet dan ook vóór de opname in de Cisterciënserorde, dns vóór 1259 gebeurd zijn, De verplaatsing van het mannenklooster Menterne naar Termunt had daarna in 1299 plaats.

■i) Zie p. 142 noot 4

1) De abdij Gerkesklooster of Jherusalem is het 634ste mannenklooster van de orde der Cisterciënsers. Zij werd gesticht in het jaar 1240 door Gerke Harkema op zijn vaderlijk goed te Wigaraterp bij Twijzel.

Vergl. over deze abdij en het vrouwenklooster Galilaea: Janauschek, p. 243 en de aldaar aangehaalde literatuur, maar vooral: Andreae, A. J., Het klooster Jerusalem of het Gerkesklooster, eene bijdrage tot de geschiedenis der kloosters in Friesland, Kollum 1890.

Sluiten