Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

454

MARÏNEBEGROOTING VOOR HET DIENSTJAAR 1887.

Ingevolge dat plan, zullen op Pruisisch grondgebied vuurtorens worden opgericht te Borkum, Campen en Pilsum, op Nederlandsch grondgebied te Watum en Delfzijl, terwijl op den Kandsel twee bakens zullen worden geplaatst met inrichting voor gasverlichting.

In overeenstemming met de reeds sedert jaren betreffende de betonning, bebakening en verlichting der Beneden-Eems gevolgde gedragslijn, namelijk, dat de regeeringen van Nederland en Pruisen elk de helft der gezamenlijke kosten dragen, zoude alsnu eene som, gelijkstaande met de helft der hierboven genoemde ƒ524987, en dus ongeveer ƒ262500, op deze begrooting moeten worden gebracht.

Aangezien echter door gedelegeerden is voorgesteld om vóór alles een aanvang te maken met den bouw van een nieuwen lichttoren op Borkum, en deze met bijbehoorende gebouwen en lichttoestel op ƒ 95100 werd begroot, en aan den bouw van het overige wel niet vóór 1888 kan worden begonnen, komt het doelmatiger voor op onderdeel d van art. 61 der begrooting voor 1887 als eersten termijn slechts de helft te brengen van de onkosten voor genoemden vuurtoren, zegge f 47550, en het overige te verdeelen over een of meer volgende dienstjaren, naar gelang zulks door den gang der werkzaamheden wordt geboden.

De kustwachtdienst trad, nadat de vereischte electrische verbindingen hadden plaats gevonden en het wachtpersoneel was aangevuld, met 1° April jl. in werking. Van de tien woningen voor bedoeld personeel, bij de begrootingen voor 1885 en 1886 toegestaan, zijn twee te Noord- en twee te West-Schouwen gereed en voorts twee op Vlieland, twee op Terschelling en twee te Westkapelle in aanbouw. Op deze begrooting worden wederom gelden aangevraagd voor den bouw van vijf woningen.

Ten einde dezen dienst nog beter in te richten en meer waarborg te verkrijgen, dat geene ramp op onze kusten onopgemerkt blijve, wordt thans de oprichting van tusschenstations voorgesteld, waartoe de Zuid- en Noordhollandsche reddingmaatschappijen welwillend hare tusschenkomst willen verleenen.

Op Oostmahorn, posthuis Vlieland, Calantsoog, Petten, Wijk aan Zee, Zandvoort, Noordwijk, Katwijk aan Zee, Zoutelanden en Meuwersluis zijn zij bereid daartoe geschikte personen aan te wijzen, die als hoofden der kustwacht, onder genot van eene toelage van f60 's jaars ieder, belast kunnen worden met de observatie der naburige kust. Bovendien wordt het wensohelijk geacht, premiën toe te kennen voor het tijdig aanbrengen van berichten door personen, niet aan de kustwacht verbonden. De ondergeteekende vertrouwt, dat dergelijke aanvulling der bestaande regeling, hem door eene daartoe benoemde commissie in overweging gegeven, afdoende en weinig kostbaar zal blijken.

De fondsen voor de overbrenging van een lichtopstand van de Kwak naar de verlichting aan het Oosterhoofd van Hellevoetsluis, bij de vorige begrooting toegestaan, zullen voor dat doel niet behoeven te worden aangewend, aangezien deze verplaatsing voorloopig onnoodig bleek.

Sluiten