Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hangt samen met de nog veel te algemeen gekoesterde gedachte, dat een geesteszieke in 't algemeen anders is dan een gewone zieke; men beschouwt hem als een verlorene voor de maatschappij; de gemeenschap heeft hem nu eenmaal als een verdriet te dragen; de zieken brengen bijna ondraagbare lasten met zich, ook in financieel opzicht. Hoe geheel anders is het met de chirurgie en de interne geneeskunde. Zij vieren hun triomfen, maar de psychiatrie, die verbergt haar droefheid achter de gestichtsmuren. Toch is niets minder waar. De jongste specialistische wetenschap verdient een milder beoordeeling. Het moge in vroeger jaren anders geweest zijn, zoodat het gesticht een bewaarplaats was van onsociale menschen. Thans zijn de gestichten herschapen in ziekenhuizen en psychiatrische inrichtingen met hunne gesloten en open afdeelingen, sanatoria, klinieken, of hoe zij meer mogen heeten. Het percentage der herstelden neemt steeds toe. Het zou interessant zijn na te gaan, door welke invloeden de verhoudingsgetallen van het aantal opgenomenen en herstelden geleidelijk zijn verbeterd en nog steeds meer verbeteren. Er is vooruitgang in de theoretische grondslagen der psychologie en der psychopathologie.

Een methodische geneeswijze is ontstaan: de psychotherapie. Men zou b.v, de toepassing der arbeidstherapie kunnen noemen een massale psychotherapie. Over de beschaafde landen van Europa en daarbuiten heeft deze suggestie zich uitgebreid en in enkele jaren is de geheele behandeling in de gestichten als met tocverslag gewijzigd en heeft een immense ommekeer te zien gegeven. De zieken worden door geschoold, actief personeel uit hun ziekelijke gedachten en gewoonten als 't ware getrokken en systematisch opgevoed tot productieven arbeid. Wanneer men met deze arbeidsopvoeding den cirkelgang van dwangvoorstellingen, hallucinaties en stuportoestanden heeft doorbroken, dan gelukt het den kring van belangstelling der kranken voor allerlei dingen te vergrooten en tot meer normale interesse en handelingen terug te voeren."

Militarisering van de bewaarschool

Vaak bevangt ons in deze verbijsterende tijd de gedachte, dat de gezonden van geest binnen gestichtsmuren wonen en dat de

ware waanzinnigen daarbuiten de lakens uitdelen. Wanneer een behoorlijk mens een kwarteeuw geleden op de gedachte ware gekomen, zijn kleuters, jongens èn meisjes nog wel!, in alle ernst in soldaten-uniform te steken en het oorlogshandwerk te leren, dan had men hem aan de ouderlijke macht onttrokken en met een zoet lijntje binnen het gesticht geloodst. Wat zulk een vader verboden was, wordt thans geprezen in.... De oude Romeinse spreuk ,,Quod licet Iovi nou licet bovi" schijnt omgekeerd te zijn. Wat God niet geoorloofd is, blijft de os voorbehouden! In Het Kind van 13 Juli geeft Bettine Jacometti een beschrijving van Mussolini's heerlijkste vinding: de militarisering van de bewaarschool. Wij ontlenen er het volgende aan. De schrijfster behandelt de allerkleinsten, die van vijf tot acht jaar, de ,,figli della lupa" (kinderen van de wolvin) die nu eindelijk ook een eigen uniform gekregen hebben en officiéél in 't leger treden, het grote leger van de zwarthemden van Mussolini. „Zwarte hemdjes dragen ook zij en die staan buitengewoon ernstig bij hun volle kindergezichtjes. Daarentegen doen de witte kruisbanden over de borst en brede gordel denken aan het tuigje waarin zuigelingen lopen leren. Het zijn bijna ook nog zuigelingen, al leren ze wel is waar niet meer lopen maar wel in de maat lopen, en krijgsliederen zingen. Hun zwarte mutsjes met de vergulde wolf dragen ze koen op één oor. Midden op de borst dragen ze een grote „M" — 't teken van Mussolini. Het zijn de kinderen van Mussolini, degenen die hij 't liefste heeft. Met hun grijsgroene broekjes en sportkousen zijn ze ook werkelijk allerliefst. Waar ze zich vertonen, worden ze geliefkoosd en toegejuicht.

Ze hebben ook een miniatuur capo-squadro, een soort korporaaltje van hun leeftijd zowat, die grote moeite doet een zware stem op te zetten en er streng of angstwekkend uit te zien als de boze reus uit het achtergelaten sprookjesboek. Met de sprookjesboeken is het nu voorbij Men vindt sprookjes gevaarlijk voor worde nde mensen. De poort van het schone dromenland is voor altijd voor hen gesloten. Maar ze weten 't niet. Ze verliezen iets, dat ze niet bezeten hebben.

Dat Mussolini, die een scherpe intuïtie heeft voor de werkelijkheid van toestanden, er toe overging, de kinderen reeds op vijfjarige leeftijd in te lijven en soldaat te doen worden is misschien kenmerkend

371

Sluiten