Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

EEN BIJDRAGE TOT DE GESCHIEDENIS ENZ.

57

den ongenietbaar, alleen de door God begenadigden bedwelmde, zoodat de laatsten in hun roes de werkelijkheid vergaten en het leven als een dol maskerade-bal bespotten. Deze souvereine ironie, welke er roem op droeg "de scherts als ernst te behandelen en ernst slechts als scherts", ergerde het gezond verstand der menigte; want het volk wil in het geweten worden aangegrepen en laat met zijn aandoeningen en gewaarwordingen niet spelen.

Waar 't de oudere duitsche dramatici gold, wilden de romantische kunstrechters alleen maar van Goethe weten, en bij zijn rijpste scheppingen had deze toch ter nauwernood aan het tooneel gedacht; de stille, diepzinnige schoonheid der Iphigenia en van den Tasso kon alleen de aandachtige lezer geheel en al genieten, door een vertooning op het tooneel konden ze slechts weinig winnen. Lessing werd in 't geheel niet meer tot de dichters gerekend, Schillers tragische hartstocht werd als holle rhetoriek bespot, zelfs de eenige geniale dramaticus, die 'tmeest de romantische theorieën naderde, Heinrich von Kleist, bleef lang vergeten door de doctrinaire kritiek. En de beide ijverigste tooneelschrijvers van dien tijd, die nog een tiental jaren na hun dood het tooneel beheerschten, Iffland en Kotzebue, werden door den romantischen hoogmoed met een onbillijke miskenning overladen, welke jonge talenten van het schrijven voor het tooneel moest afschrikken. Men had alleen een oog bij den eerste voor de eerzame, burgermansachtige teergevoeligheid , bij den laatste voor de platheid en alledaagschheid, maar miskende hun ongemeen talent in de techniek en de gelukkige gave der vinding, waardoor beiden hun opgeblazen bedillers beschaamden. Slechts enkele dramatische proeven der eigenlijke romantici kwamen op de planken en . . . kwamen er allen slecht van af. De leiders der school keerden het tooneel spoedig den rug toe en spraken met hoon en smaad over het gemeene proza der stukken, die op het tooneel succes hadden. Zich hoegenaamd niet bekommerende om de levensvoorwaarden van het hedendaagsch tooneel, dat vijf of zeven avonden in de week aan de behoeften moet voldoen van een door 's levens plagen afgemat

Sluiten