Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

78

EENE BIJDRAGE TOT DE GESCHIEDENIS

diep gevoelde woorden van het lief en leed der liefde, van het genoegen aan het reizen verbonden en de smart des vaarwels, van de liefde tot den wijn en de wapenen, vonden allen, rijk en arm, de herinneringen terug van hun eigen leven.

Vooral de bewoners van Opper-Duitschland vonden 't alleraangenaamst, wanneer het zwaabsche landschap met zijn wijnbergen en heuvels en zonnige stroomen, met zijn vroolijk zanglustig volkje altijd tusschen de dichtregelen doorschemerde. De eenvoudige, met het volkslied in overeenstemming gebrachte melodieën, wekten onwillekeurig tot zingen op; al spoedig wedijverden de componisten met elkander om zich van die liederen meester te maken. De geheele jeugd deed mee. De liederen van Uhland weerklonken overal, waar duitsche soldaten op marsch waren, waar studenten, zangers en gymnasium op het een of ander vroolijk feest bij elkaar kwamen; ze werden een zegenrijke macht voor het frisch opgroeijend, krachtig volksleven van de nieuwe eeuw. Het jonge in den oorlog gestaalde geslacht keerde overal de muffe kamerlucht van den goeden ouden tijd den rug toe en sloeg den weg naar het vrije veld in, de duitsche trek tot reizen en zwerven vorderde meer zijn rechten, oude half vergeten volksfeesten kwamen weer in eere. Het nieuwe volksgezang sloeg een brug over de diepe kloof, welke de beschaafden van de onbeschaafden scheidde en maakte dè volksscharen , die niets lazen, allereerst bekend met de dichterlijke producten van den tegenwoordigen tijd; en al mocht ook die heerlijke, onverbrokkelde eenheid der nationale zeden en gewoonten, zooals ze eens bestond ten tijde der Staufen, voor de geleerde ontwikkeling der moderne maatschappij voor altijd onbereikbaar blijven, zoo was 't toch een heilrijke terugkeer tot de natuur, dat van lieverlee ten minste een deel der schoonste duitsche gedichten door de geheele natie begrepen en bemind werd. Hoe vreugdevol klopte het hart van den zwaabschen dichter, toen hij den ontwakenden lust in liederen bij zijn volk aanschouwde; vol hoop riep hij zijn makkers de vermaning toe, die trouw genoeg werd behartigd;

Sluiten