is toegevoegd aan uw favorieten.

Wetenschappelijke bladen, 1907 (1e deel) [volgno 2]

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

PASCAL.

Geen hartstocht houdt den mensch zoolang gevangen, doet zijn oogen, soms tot aan het eind, zoozeer gesloten blijven voor de nietigheid van ons tijdelijk, aardsch bestaan, maakt het hein zoo ten eenenmale onmogelijk de beteekenis te vatten van dat bestaan en van zijn waarachtig heil, dan de zucht naar aardschen roem onder welken vorm ook: kleingeestige ijdelheid, ambitie, verlangen naar beroemdheid.

Elke hartstocht brengt echter zijn eigen straf mede, het lijden dat zijne bevrediging vergezelt en de nietigheid er van in het licht stelt. Daarbij komt, dat hoewel alle hartstochten met de jaren afnemen, het verlangen naar roemmet de jaren aangroeit. En het ergste is, dat die zucht naar roem altijd te zamen gaat met de gedachte nuttig voor de menschheid te zijn, zoodat hij, die de goedkeuring der menschen zoekt, lichtelijk zichzelf bedriegen en meenen kan, dat hij die goedkeuring niet zoekt voor zichzelf, maar voor het welzijn der menschheid. Hierdoor is deze bedriegelijke en verderfelijke hartstocht zooveel moeilijker uit te roeien dan alle andere. Alleen menschen met een sterk zedelijk gevoel kunnen er zich aan ontworstelen.

Eene groote zedelijke kracht maakt het zulken menschen mogelijk spoedig grooten roem te verwerven, en deze zelfde zedelijke kracht maakt het hun mogelijk er spoedig de nietigheid van in te zien.

1) Dit artikel, een stuk uit een verzameling opstellen, werd opgenomen in La Revue van 1 Sept. 1906. De schrijver is Tolstoj.

W. B. I. 1907. 5