is toegevoegd aan uw favorieten.

Wetenschappelijke bladen, 1907 (3e deel) [volgno 2]

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

128

'T KONKRETE NATURALISME ALS

wijzende, is 't sakramentele maal, waarvan de betekenis door Robertson Smith in z'n terecht beroemd, groot, zij 't ook helaas onvoltooid gebleven werk over de religie van de Semieten in 't licht is gesteld; en dat ook door Jevons in z'n bovengenoemde Introduction besproken is. 't Sakramentele maal is reeds daarom van grote betekenis, omdat het de oorsprong schijnt van de offerdienst, al is in deze kwestie 't laatste woord ook nog lang niet gezegd.

Zoals is aangetoond, berust 't totemisme op 't geloof, dat iedere volksstam of gedeelte ervan, waarvan cle leden allen van gelijken bloede zijn, of toch als zodanig beschouwd worden, met 'n diersoort of plantesoort in 'n verhouding van bloedverwantschap staat, en dat deze soort door hem daarom als heilig moet beschouwd worden. Zo mag b.v. een lid van de Buffelclan geen buffel jagen en geen buffelvlees eten; 'n lid van de Schildpadclan geen schildpad vangen of opeten, enz. Van deze onschendbaarheid van 't totemdier, voorgesteld als nader staande bij de hogere oorsprong en daardoor vervuld van de hogere geest, wordt nu eens per jaar, en onder zekere omstandigheden ook wel meer keren, in zover afgeweken, dat de stam 'n eksemplaar van z'n totemdier bij 'n plechtige maaltijd nuttigt, om daardoor opnieuw vervuld te worden van cle in dat vlees en bloed besloten goddelike geest. Dat is voor hem 'n heilige handeling, waarom men zulk een maal met recht als sakramenteel of ook wel als mystiek aangeduid heeft. We hebben daarin 'n godsdienstige handeling te zien, in zover in de tijd van 't ruwe naturalisme van godsdienstoefening sprake kon zijn. Op deze wijze wilde de mens zich door middel van >t totemlichaam verbinden met de hogere macht, waarvan 't vlees en bloed 'm toescheen met de daarmee in verband staande hogere kracht vervuld te zijn. Hiermee hing 't vroeger zeer algemene, en nu nog onder de natuurvolken heersende geloof samen, dat 't lichamelike organisme, in 't biezonder bepaalde delen daarvan, vooral 't bloed, maar ook hart, lever, hersenen en vlees, 't geestelike zijn bevatten, zodat, wie deze delen in zich opneemt, daarmee ook 't wezen daarvan onmiddellik deelachtig wordt.

't Sakramentele maal is bij de meest verschillende volken