is toegevoegd aan uw favorieten.

Wetenschappelijke bladen, 1910 (1e deel) [volgno 2]

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

.250

ENGELAND EN DE UITBREIDING DER DUITSCHE VLOOT.

den. Blake, de overwinnaar van Tromp, is in veel lateren tijd daarvan een sprekend voorbeeld.

Tengevolge van de ontdekkingsreizen en de opdrachten die aan de Engelsche oorlogsmarine in andere werelddeelen te beurt vielen, deed zich echter de behoefte gevoelen aan het militaire gedeelte der bemanning eene betere opleiding tot zeeman te geven. Daaruit ontstond langzamerhand eene samensmelting van het personeel. Wel bleef echter nog lang het gebruik bestaan, dat het algemeen bevel over een schip in gewone omstandigheden en in het gevecht bij den commandant van het schip en de eigenlijke zeeofficieren (eooecutive officers) berustte, terwijl de navigatie en de uitvoering van bijzonder moeilijke manoeuvres aan de zeevaartkundige specialiteiten (sailing-master) was opgedragen; maar toch was een geheel nieuwe waardeering der zeemanskunst het gevolg.

Terwijl vroeger de zeevarende ridder op de werkzaamheden van den eigenlijken schipper met minachting neerzag, omdat hij deze als handenarbeid beschouwde, begon nu cle zeeofficier het militaire deel zijner plichten achter te stellen bij de als sport meer aantrekkelijke zeilkunst.

Misschien ook wel als gevolg van de lange vredesperiode der vorige eeuw, werd een mooi getuigd schip, bekendheid met takelage en krachtwerkzaamheden aan boord en kranig manoeuvreeren meer en meer het hoofddoel van aller streven. De oefening in het gebruik der wapenen werd gaarne aan specialisten overgelaten en door de gewone officieren slechts als bijzaak beschouwd. Zelfs cle overgang tot stoom vermogen en de invoering van pantserschepen bracht daarin slechts weinig verandering.

De ,/ zeeman "school deed het officierskorps nog lang krampachtig vasthouden aan de op de oorlogschepen overtollig geworden kennis der zeilvaart. Aan de inrichting van het schip werd bijzondere zorg besteed en aan zelfs onbeduidende details werd meermalen grootere beteekenis gehecht dan aan militair-maritieme maatregelen en voorschriften.

De vraag of een windvanger hooger of lager moest worden geplaatst, of de sloepen met een kraan of met een derrick moesten worden gestreken, gaf aanleiding tot diepgaande studiën en kostbare proefnemingen. De oplossing