is toegevoegd aan uw favorieten.

Wetenschappelijke bladen, 1912 (1e deel) [volgno 2]

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

166

SOEN YAT SEN EN DE REVOLUTIE IN CHINA.

land is daarbij onhervormd gebleven. Ben verandering van dynastie wordt daarom niet langer als een geneesmiddel tegen China's kwalen beschouwd. China is tot nog toe geregeerd geweest door de onbeperkte macht, welke verondersteld werd vaderlijk te zijn, maar die in tirannie ontaard is. Het volk is het wanbestuur moede. Het wil zichzelf regeeren. De revolutionaire partij wenscht China tot een republiek te hervormen. Het eigenlijke China is een losse massa van achttien half onafhankelijke provinciën door onderkoningen geregeerd. Zij moeten vervangen worden door republieken met eigen parlementen. Deze lokale parlementen zullen de uitsluitend lokale aangelegenheden behartigen, terwijl de nationale zaken onder het beheer van een centraal Nationaal parlement zullen staan. De regeering van China zal ingericht worden naar het voorbeeld van die der Vereenigde Staten of van Canada en alles is voorbereid om zulk een verandering te bewerkstelligen. Volgens de meening van Dr. Soen Yat Sen is het Chineesche volk bekwaam om zichzelf te regeeren, daar het ijverig, ordelijk en leerzaam is en vooral, daar het geoefend is in de kunst van zelfbestuur en samenwerking door de machtige gilden en geheime genootschappen. Hij vertelde mij, dat de Chineezen niet wilden strijden tegen de vreemdelingen, maar tegen hun bedorven regeering, tegen de Mandsjoes. De in China wonende Europeanen zouden veilig zijn. Een hervormd China zou tegenover alle natiën vriendschappelijk zijn, maar het zou verwachten behandeld te worden als een beschaafde mogendheid, wanneer het de achting van Europa verdiend had en niet langer van onbeschaafdheid beschuldigd kon worden.

De Chineesche revolutie is veroorzaakt door wanbestuur en corruptie, die, naar het schijnt, onafscheidelijk zijn van China's tegenwoordigen regeeringsvorm. In China zijn ongeveer 400.000.000 Chineezen en 5.000.000 Mandsjoes. Toen de laatsten het land veroverd hadden, behielden zij voor zich alle belangrijke en voordeelige betrekkingen. Zij regeeren door middel van een aantal meer of minder onverantwoordelijke en omkoopbare ambtenaren, grootendeels Mandsjoes. De zucht naar zelfbehoud is het eerste instinct van