is toegevoegd aan uw favorieten.

Wetenschappelijke bladen, 1910 (2e deel) [volgno 2]

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

SCHEEPSMACHINES.

169

eene turbine op de holle buitenas en de andere op de binnenas stellen.

Het aantal raderen van zulk een Parsonsturbine is zoo groot, dat b.v. het aantal schoepen bij eene turbine van 1000 a 2000 paardekrachten, waarvan de as 1500 omwentelingen in de minuut maakt, 30000 bedraagt, Deze schoepen zijn dan trouwens slechts 5 centimeters lang en l a 2 centimeters breed.

De, naar ik meen, grootste voor een schip gemaakte Parsonsturbine, eene van 10000 paardekracht, is 3,2 meter lang en hare grootste middellijn is 1,2 meter.

De eerste proeven met vaartuigen met Parsonsturbines werden in 1899 en 1900 in Engeland met de torpedojagers Viper en Cobra genomen, die bij een inhoud van 300 tonnen, machines van 12000 paardekrachten ontvingen en daarmede dan ook snelheden van 36 knoopen of met andere woorden van 12 uur in het uur bereikten. Nu is eene verhouding van 40 paardekrachten per ton zoo enorm, dat men voor deze omstandigheid geen gewone schepen maar vaartuigen van eene zeer bijzondere sterkte had moeten bouwen. Dat men dit naliet, had ten gevolge dat de Viper te gronde ging bij eene lichte stranding, die voor een gewoon schip geen nadeelige gevolgen zou hebben gehad, en dat de Cobra bij ruw weer door midden brak. Hoezeer deze rampen niet tegen turbines pleitten, hadden ze toch afschrikkende gevolgen. Eerst in 1904 bouwde men ter vergelijking twee kruisers van 3000 tonnen van gelijk type, waarvan men de Amethysl van turbines en de Saphir van gewone machines voorzag. De vergelijking van deze twee schepen viel zoo zeer ten voordeele van de turbines uit, dat daarna in Engeland alle nieuwe groote oorlogschepen van turbines voorzien werden.

De andere groote mogendheden, Duitschland, Frankrijk, Rusland, Italië en de Vereenigde Staten volgden sedert dit voorbeeld. Het stelsel dat ze daarbij toepasten, was niet altijd dat van Parsons, maar soms dat van Curtis of van een der andere uitvinders die met meer of minder succes getracht hebben het door Parsons beoogde doel met sneller overgangen en daardoor minder zware en saamgestelde ma-