is toegevoegd aan uw favorieten.

Wetenschappelijke bladen, 1910 (2e deel) [volgno 2]

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

234

PRINS ITO ALS PATRIOT EN STAATSMAN.

was het land kort geleden voor vreemdelingen opengesteld, het was aan Japanschen onderdanen nog niet veroorloofd hun vaderland te verlaten."

Voordat de jonge man met zijn vriend, den jongen Inouye, nu een van Japans grootste staatslieden, zijn land verliet, zullen zij een plechtig afscheidsbezoek gebracht hebben aan de graven hunner voorvaderen, en men schatte den indruk niet gering, die op den mensch die een onbekende toekomst te gemoet gaat, zij hij jong of oud, wordt te weeg gebracht door zulk een laatst plechtig bezoek aan de voorvaderen van zijn familie, die, onzichtbaar, hem gade slaan en tegenover wie hij ernstige plichten te vervullen heeft. Geheel in overeenstemming met dergelijke denkbeelden was hij opgevoed volgens de ethische beginselen van Bushido en was hem ingeprent, dat, om groot werk te doen in de wereld, men eerst zich zelf moet leeren beheerschen en eerst daarna zijn vrienden en vijanden.

Aan dergelijke leerstellingen had Prins Ito zijn groote kalmte te danken en zijn vermogen om alle vraagstukken, die zich voordeden, met bezadigdheid te beoordeelen en op te lossen. Bij al zijn werk was hij, zijn leven lang, de vertrouweling van den keizer, en toch heeft hij geen oogenblik den eerbied en het ontzag verloren, waarmede de keizer van Japan door al zijn onderdanen beschouwd wordt. Daaromtrent schreef Ito zelf:

„Welke de oorzaken mogen geweest zijn, die Japan vooruit gebracht hebben en hoeveel wij ook bijgedragen mogen hebben tot alles, wat in de jaren, die achter ons liggen, tot stand gebracht is, dat alles zinkt in het niet, vergeleken bij datgene, wat het land aan den keizer te danken heeft, 's Keizers wil heeft het volk geleid. Hoe velen ook, evenals ik, getracht hebben hem behulpzaam te zijn in zijn verlicht bestuur, wij zouden nooit zulke schitterende uitkomsten verkregen hebben zonder den vooruitstrevende!! geest en den grooten invloed van den vorst, van wien alle hervormingen uitgingen. Van den keizer heeft Japan de lessen geleerd, die het tot zijn tegenwoordige grootheid geleid hebben."

Voor een groot deel had hij zijn macht te danken aan