is toegevoegd aan uw favorieten.

Wetenschappelijke bladen, 1910 (4e deel) [volgno 2]

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

BESCHOUWINGEN VAN 1IOD1N OVER BÜSTES.

401

„Die oogen, ik kom daarop het eerst terug. . . . Zij zijn doorschijnend. Zij schieten licht uit.

Bij al de bustes van Houdon zou men overigens deze opmerking kunnen maken. Deze beeldhouwer heeft beter dan eenig schilder of pastelteekenaar het doorschijnende der pupillen weten weer te geven. Hij heeft ze doorboord, gekerfd, ingesneden. Hij heeft geestige en eigenaardige onzuiverheden scherper doen uitkomen, die, verlichtend of verduisterend werkend, op bedriegelijke wijze het schitteren van bet licht in de pupil nabootsen. En welk een afwisseling in de blikken van al deze maskers. Geslepenheid bij Voltaire, goedigheid bij Franklin, gezag bij Mirabeau, ernst bij Washington, vroolijke teederheid bij Mevrouw Houdon, guitigheid bij de dochter van den beeldhouwer en bij de twee verrukkelijke kleine Brongiarts.

De blik was voor dezen kunstenaar het grootste deel van de uitdrukking. Door de oogen ontcijferde hij de ziel. En zij hielden voor hem niets geheim. Het is overbodig te vragen of deze bustes geleken."

Hier viel ik Rodin in de rede.

*Gij zijt dus van oordeel, dat de gelijkenis een zeer belangrijke eigenschap is?"

„Zeker .... onmisbaar!"

„Toch zeggen verscheidene kunstenaars, dat bustes en portretten zeer schoon kunnen zijn zonder gelijkenis. Ik herinner mij een gezegde over dit onderwerp, dat men aan Henner toeschrijft. Toen een dame zich tegenover hem beklaagde, dat het portret, dat hij van haar geschilderd had, niet geleek, luidde zijn antwoord: „0/ Mevrouw, als u dood is, zullen uwe erfgenamen zich gelukkig aclde?i een mooi, door Henner geschilderd portret te bezitten, en dan zullen zij er zich bitter weinig om bekommeren of het op u geleken heeft of niet."

„Het is mogelijk, dat deze schilder zoo gesproken heeft, maar het was ongetwijfeld een uitval van hem, die niet

W. B. IV. 1010. 26