is toegevoegd aan uw favorieten.

Stemmen voor waarheid en vrede jrg 24, 1887 [volgno 2]

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ONS CHRISTELIJK GELOOF.

718

betreft. Bij de verklaring van deze komen zoowel de uitwendige omstandigheden als klimaat, grond, Flora en Fauna, als de innerlijke factoren de natuurlijke aanleg, het rassen- en volkskarakter in aanmerking Beide, kennis en godsdienst, zijn gegroeid door allerlei dwalingen heen; en al laat dit de objectiviteit der waarheid zelve onaangetast, de ontwikkelingsgang is duidelijk waarneembaar. Men kan nagaan langs welke trappen de menschen allengs gekomen zijn tot een fijner en vollediger kennis der hoogste rechtswet, tot een duidelijker inzicht in haar toepassing, haar logische gevolgen, haar betrekking tot het leven, tot het persoonlijk gedrag en het geloof. Ja, indien ergens, dan laat zich juist in het O. T. die gestadige vooruitgang zien, in het langzaam op den voorgrond treden van de eischen der zedelijkheid en de steeds ruimer toepassing harer beginselen, terwijl in de vroegste dagen Wel de vereering van God werd gekend, maar de zedelijke eischen, daaraan verbonden, in geringe mate werden verstaan. En toch juist dat O. T. en nog veel meer het N. ï. bewaren ons voor het dreigend gevaar, de evolutie, als den machtigsten factor van elk leven, als het alles beheerschende te beschouwen en roepen bet ons toe, dat de regelmatige vooruitgang en gedurige ontwikkeling niet de hoogste Openbaring van God is. ■A.1 aanvaarden wij alles wat ik thans over de evolutie neerschreef, toch blijft waar, wat Prof. P. D. Chantepie de la iSaussaye in zijn onlangs verschenen Lehrbuch der Religionsgeschichte bldz. 10 zegt: „Wir wollen auch in die Beligionswissenschaft die Bedeutung der mechanische fietrachtung, den Werth der Evolutionslehre nicht schmalern? glauben aber nicht, dass diese Lehre zur Beurthei-

') Bij Prof. P. D. Chantepie de la Saussaye in het beneden in den tekst aangehaalde werk.