is toegevoegd aan uw favorieten.

Stemmen voor waarheid en vrede jrg 31, 1894 [volgno 2]

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

IS DAT „HISTORISCHE KRITIEK?"

kennend beantwoorden. Men kan die berichten onmogelijk even onbevooroordeeld historisch-kritisch onderzoeken, zooals men b. v. de levensberichten van Koning Alexander den Groote, Keizer Constantijn of Paus Gregorius VII onderzoekt. En waarom niet? Omdat de evangelische berichten het geloofsobject der Christelijke gemeente tot inhoud hebben. Bij dat onderzoekt spreekt dus het hart des menschen mede, zoo als bij het onderzoek van geen enkel ander historisch bericht. De evangelieën berichten ons de verschijning van Jezus Christus als een éénig Godswonder; zij berichten ons, hoe God zich in de geschiedenis in den persoon van dien Christus heeft geopenbaard. Als ik dus in Hem als de Zoon van God geloof, dan wordt mijne wereldbeschouwing door dat geloof beheer scht. Geloof ik als zoodanig in Hem, dan geloof ik ook aan de mogelijkheid van het wonder. Ben ik echter de organische wereldbeschouwing toegedaan, dan geloof ik niet aan de mogelijkheid van het wonder. Dan ga ik ook, gelijk Brandt, trachten om het onstaan van het Christendom volgens de wetten mijner organischen wereldbeschouwing te verklaren, en zóólang aan de evangelische geschiedenis tornen, plukken en trekken, totdat zij een Christusbeeld te aanschouwen geeft, dat met mijne wereldbeschouwing in overeenstemming is. Geloof ik in Hem als mijnen Heiland, dan stel ik hem boven de kinderen der menschen, geloof ik niet in Hem als mijnen Heiland, dan stel ik hem op ééne lijn met andere menschenkinderen, hoogstens in de rij van groote mannen. Het historisch-kritisch onderzoek der evangelische geschiedenis wordt beheerscht door het geloof.... bf door het ongeloof, maar beheerscht wordt het. 't Komt er nu maar op aan om te weten, in welk geval men aan de evangelische geschiedenis het meeste recht laat wedervaren, en dan zal het wel geen betoog behoeven, dat de kritiek van hem