is toegevoegd aan uw favorieten.

Stemmen voor waarheid en vrede jrg 31, 1894 [volgno 2]

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

PROF. DOEDES ALS LEERMEESTER.

een andere verschijning dan wij gewoon waren te zien, dan het bewegelijke haartooisel van prof. Bouman, dan de schaduwachtige gestalte van prof. Vinke, en de goedmoedige nonchalance van prof. ter Haar. Wij moesten wel denken aan netheid, aan preciesheid — en begrepen dat wij op ons tellen moesten passen. Prof. Doedes was toen eer mager dan gezet. Gelijk elk college toen ter tijde, werd ook dat eerste college geopend met gebed, en daarna hoorden wij prof. Doedes een overzicht geven van de ontwikkeling der theologie sinds hij begonnen was haar te beoefenen. Wat ons aanstonds trof, het waren de ongewone wijze van zeggen; de eigenaardige manier van den klemtoon te leggen; de ongedachte wendingen. Hoe karakteristiek dit alles wezen moge — men kan het niet nadoen. Ik heb prof. Doedes nooit met succès hooren nabootsen, zelfs niet door virtuozen op dat gebied, gelijk de studentenwereld ook van nu er oplevert.

Wij waren met die openingsrede, welke echter nooit het licht heeft gezien, zeer ingenomen. Het beslist geloovig standpunt van den spreker werd bemanteld noch verloochend. Men wist, wat men aan hem hebben zou.

Het eerste eigenlijk gezegde college liep over tekstkritiek; verder werd een aanvang gemaakt met de hermeneutiek, de encyclopedie, en met de exegese van het N. T. De zoogenaamde naturaal of leer aangaande God moest wachten tot na de kerstvacantie.

De exegetische colleges trokken ons dadelijk het meeste aan. Wij hoorden den brief aan de Efeziërs behandelen, de Bergrede, en later de gelijkenissen. Het werd alles gesproken in de moedertaal. En nu werden wij wel gedwongen om Winer te raadplegen en Bruder ons aan te schaffen, en den Receptus in te ruilen voor een grooter of kleiner uitgaaf v. Tischendorf. We kregen, als wij een tekst behandelden, den indruk, alsof eerst heel wat