is toegevoegd aan uw favorieten.

Stemmen voor waarheid en vrede jrg 33, 1896 [volgno 2]

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

OVER DEN KATECHETISCHEN ARBEID',

die der meisjes gemakkelijker worden voortgezet dan die der jonge mannen, komen er dan al weinigen, maar die getrouw, is de vorming van een kring wèl onderwezen leerlingen niet wat moeite waard? En als men eens overal, waar het nu even ondoenlijk is om des zomers de katechisaties voort te zetten als om met de handen den hemel aan te raken, als men daar eens poogde den duur der gedwongen vacanties zooveel mogelijk in te korten, zou het ons G.-O. niet heel wat vooruitbrengen in goede richting? Een kring wèl onderwezen katechisanten wordt later — vergeten wij het niet! — de kern eener gemeente, 't Is hier: Fac et spera!

Ten laatste. Ons G.-O. behoort trapsgewijze voort te gaan en naar de vatbaarheid onzer onderscheidene leerlingen te zyn ingericht. Deze bepalingen maken ons werk ook al niet lichter. Bij het lager onderwijs hoorde ik wel eens fluisteren, dat kleinen van verstand werden achterafgezet voor de vluggeren van geest. Doen dat bij ons niet misschien de hardleerschen de goedleerschen, zoodat ons geduld met de eersten den ijver der anderen dooft? Wij hebben te trachten om allen alles te zijn, min-gevorderden èn meer-gevorderden. Zoo hebben ook gemeenten, die liggen aan de groote wegen, waarlangs onze tijd zich voortbeweegt, met meer vragen te doen dan gemeenten, die zich wat zij-af bevinden. Wat woelt dan veel in hoofd en hart! Hoezeer hebben daar onze leerlingen behoefte aan voorlichting en steun! Met „dooddoeners" schaadt men eerlijke harten, en „onwaarachtige dierbaarheden" zijn twijfelzaad. Er is veel gemoedelijkheid bij ons G.-O., maar in onze Kerk behoort „de waarheid bovenal'' te zyn, alle waarheid, Het is zonde om de kleinen te ergeren. We vreezen voor des Heilands: Wee U! Doch is het niet even verkeerd om anderen door gemoedelijkheid, en niets dan gemoedelijkheid „krie-