is toegevoegd aan uw favorieten.

Letterkundig magazijn van wetenschap, kunst en smaak, 1817 (Mengelstukken), no 7

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

geschiedenis van pater nicolaas, 299

doet mij aan, en mijn hartelijke wensch is, u dezelve wederkëerig te betoonen." Mijne neigingvoor de Letterkunde bemerkt hebbende, toonde hij mij eemge handfchriften en zeldzame boeken, aan het klooster toebe. hoorende. Dit was niet wat ik zocht; maar het toeval diende mij beter om het verlangen te bevredigen van den Pater nicolaas te doorgronden, en zijne gelchiedenis, zoowel als de oorzaak zijner ftrenge zeden, te vernemen.

Op eenen ochtend, trad ik m zijne cel, na verfcheidene malen te vergeefs aan de deur geklopt te hebben, en zag hem knielend voor een Christusbeeld liggen, waaraan een klein portret hing, hetwelk ik voor het af beeldfel der H. Maagd nam. Ik aarzelde, met wetende of ik het einde van deze vrome eerbewijzing zoude afwachten, dan of ik weder vertrekken moest, en plaat'1te mij achter den Geestelijken, Hij bedekte zijn aangezigt met zijne hand, en ik hoorde zijne gelmoorde zuchten: een gevoel van mededoogert, gepaard met nieuwsgierigheid deed mij blijven. Met eene fnelle beweging, die eene diepe fmart aanduidde, trok hij zijne hand van zijne oögen; hij vatte het portret, kuste het twee malen, drukte het aan zijne borst en fmolt in tranen: een oogenblik daarna vouwde hij zijne handen weder, floeg zijne oogen ten hemel op, fprak eenige woorden, en loosde eenen diepen zucht, die, voor dat oogenblik, zijne droefheid fchecn te doen ophouden. Terwijl hij opftohd bemerkte hij mij: ik fchaamde mij, en ftamelde eenige woorden, om mij te verontichuldigen van hem onwillekeurig van zijne Godsdienstoefening afgetrokken te hebben .... ,, Helaas ! " antwoordde bij mij, „bedrieg u zeiven niet; het was geene Godsölênftige eerbewijzing, maar wel de uitdrukking der hevigffe wroeging. Jongeling , liet verhaal mijner kwellingen en feilen moet u tot nutte leering ftrekken. Met die openhartigheid, welke gij fchijnt te bezitten, zult gij blootgefteld zijn aan dezelfde verzoekingen, waaronder ik bezweken 'ben; gij kunt het flagtoffer worden van eerlijke doch bcdorvene gevoelens, van eene misleide deugd en van een fchijnbaar geluk.

St. hubert is mijn naam. Ik ben afkomftig van eene oude en achtingwaardige familie, welker voormalige rijkdom aanmerkelijk' door ongelukkige iotwisfelmgen verminderd was geworden. Mijn vader overleed eer ik oud