is toegevoegd aan uw favorieten.

Limburg's jaarboek jrg 33, 1927, no 1/2

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

- 53 —

felijken burchtheer, 'n statige verschijning, op het slotplein, begon de lange rondwandeling door de slotkapel, de vele zalen, galerijen, waar menig archeologisch oog bewonderend te gast ging aan een rijke keuze van antiquiteiten met uitgelezen smaak en kennis geschikt, terwijl gastheer en gastvrouw welwillend inlichting gaven op de vragen die werden gesteld.

— Ten slotte vereenigden zich alle gasten in de ruime ridderzaal, waar een gastvrij buffet rijkelijk verkwikking bood.

Nogmaals nam de burchtheer het woord. Hij schetste de wedergeboorte van het voorvaderlijk slot, waaraan hij zijn leven had gewijd en rekende het als een groote eer dat het internationale Congres hem, den „alten Hans von Wilczek", hier was komen opzoeken. Hij sprak de hoop uit dat de gasten niet al te zeer waren teleurgesteld en bood verontschuldiging aan dat hij, een innerlijken drang niet kunnende weerstaan, als dillettant en vurig bewonderaar van kunst, zulk een hooge taak had durven ondernemen. Met een „Ich habe heute einen schonen Tag" en een „Hoch" op de aanwezige kunstenaars besloot de spreker.

Na een kort dankwoord van den voorzitter van het Congres besteeg, spontaan, de officieele vertegenwoordiger onzer regeering, Dr. Cuypers, de tribune der menestreels, schetste in gloedvolle taal de verdienste van dit grootsche werk, dat door krachtigen Middeleeuwschen geest was bezield en met liefde, toewijding en kennis was volbracht. Naar zijne innige overtuiging was dit niet het werk van een leek, doch van een der beste beoefenaars onzer kunst en verzocht hij de aanwezigen om den gastheer als kunstbroeder te begroeten en op zijn heil te drinken. Zichtbaar getroffen door dit spontane blijk van waardeering besteeg de gastheer het podium en de beide eerwaardige grijsaards bezegelden hun „Bruderschaft" met een omhelzing onder geestdriftig gejuich der aanwezigen.

Het was een vriendelijk, verheffend oogenblik en de aanwezige landgenooten waren héél trotsch op hun kranigen Nestor.

Wassenaar, Februari 1927.

Prof. H. EVERS.