is toegevoegd aan uw favorieten.

Limburg's jaarboek jrg 34, 1928, no 1

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

47

Nyemant te noodigen dan van de Broederschap.

Sall oock der Broedermeister geen gasten, 't sij vrindt) bloedsverwandt, oft vreemdelinge, voorbehalden die van sijnen huisgesinne op de maeltijt, oft conviviolum noodigen moegen, d'wijle de broederschap van persoonen vast sterck is.

Sangmeister ende Coraelen.

Den artikel: de anno 1607 den Sangmr. ende Coraelen betreffent is oock vernieuwt, om voorthin voltrocken te worden.

Veranderinghe van de maeltijt.

Anno 1615, den 22e September is resolveert, ende veraffscheijt, alsoo die broederschap vast sterck is, ende op Maendach post Assumptionis alsmen die maeltijt plach te halden, gantz heyt weder is, (als het zeer heet weer is) ende sich die spijse niet en halt, oft bewaert can worden, dat die maeltijt hinvort op Maendach post Nativitatis B. Mariae, ende oock de commendation sall gehalden worden.

Geen Vreemdelingen in de Broederschap te nemen.

Oock veraffscheyt, datmen hinvort geene broeders soo binnen dese stadt niet en woenen meer in de broederschap sall innemen (opnemen).

Den Bade te repareeren.

Item, dat men den Bade so op de baere ligt, mit nieuwe franjen sal laeten versien, daar die affgesneden sijn.

Twee diendoecken te laten maecken.

Op den 25 Juni 1616 is bij de semptelicke broeders verdraegen, ende besloeten, dat men tot Goedes ehre ende van onse lieve Vrouwe als patronesse twee Dienrocken