is toegevoegd aan uw favorieten.

Limburg's jaarboek jrg 34, 1928, no 1

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

— 119 —

[fol. 92. recto.]

ter andere syden, ingestalt dat het voorschreven huys met syne toebehoorten als boven voor de betaelinge, ende heffinge der bemelte twee overlendtse Rynsse guldens, alle jaer op den heyligen Paesschen te beuren ende te ontfangen, ende het capitael, belopende vierenveertich derselver overlendtse Rynsse guldens, goet van golde ende swaere van gewichte, off met die rechte weerde daervoor, in tyde der betaelinge, ende lossinge, genge ende geve, wie voorschreven verbonden, ende den voorschreven Camp daervan vrye ende onbeswaert, voorthin syn, en blyven sall. Ende den Richter heeft den licentiaet Johan Holtbecker, onsen mitschepen, als deser tyt meester der voorschreven broederschap, in ende tot behoeve als boven, inde voorschreven twee Rynsse guldens gericht, geërft, ende geguet, als recht ende gewoonlyck is ; den Heer ende mallinck syn recht voorbehouden, sonder argelist. In oorcondt der waerheyt hebben wy Richter ende Schepenen onse segelen aen desen oepenen transfixbrieff gehangen. Gegeven int jaer ons Heeren duysent sessehondert vierentwintich, den vierentwintichsten dach februarii. Was onderteekent P. Bosman, ende besegeit met ses segelen in groene wasch.

*) 't capitael hierboven vermeit ad vier en veertigh

goltgulden, jeder gereeckent ad thien schillingen, is heden den 26en October 1700 ses en twintigh affgeleydt door joncker Johan Hataert van Holthuysen alleenlyck met hondert guld. brabants w. g. om redene, dat 't onderpandt hierinne vermeit al over langhe jaeren was veralinieert x) ende op de andere Erffgenaemen niet meer en was te verhaelen, synde dit capitael gebleven onder den tegenwoordighen broedermeester M. Dehaen, om door denselven op ander onderpandt te worden uuytgesett, ende de verlopene interesse betaelt aen den Eerw. Heere Vanderlinden, modernen2)

*) Daaronder, in later bijschrift.

i) Een latinisme; bedoeld is: veraliëneerd, als zijnde afkomstig v. h. latijnsche w.w. abalienare — vervreemden, onteigenen ; stamwoord : alienus.

3) modernen r. = tegenwoordigen rector.