is toegevoegd aan uw favorieten.

Letterkundig magazijn van wetenschap, kunst en smaak, 1817 (Uittreksels en beoordelingen), no 2

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

74

DE STAEL - H0LSTEIN ,

gottfiiger zij voor de ontwikkeling van alle bekwaamheden in de jeugd, dan de beoefening der Wis- en Natuurkundige Wetenfchappen; dat men in de Wijsbegeerte der Taalkunde geftrenge redekaveling en onafhankelijkheid van denkbeelden vereenigd vindt; dat derhalve de beoefening der Wiskunde tot haren gepasten tijd te verfchuiven, en wel als een gedeelte van het algemeene onderwijs, maar niet ten grondflag der opvoeding te itellen zij, noch als grondbeginfel ter bepaling des karakters, enz." De Duitfche Univerfiteiten worden

geprezen; evenwel heeft de Schr. derzelver inwendige inrigting zoowel als derzelver invloed op de verftandsbefchaving der geheele Natie niet uitvoerig behandeld; zij fchijnt zelfs hier en daar de hoogere Gymnaüën met de Univerfiteiten te verwarren,

Negentiende Hoofdft. Over de bijzondere inrigtingen van opvoeding en weldadigheid. In deze, mede zeer belangrijke Afdceling, wordt voornamelijk pestalozzi's wijze van opvoeding en onderwijs beoordeeld, en over derzelver bijzonderheden en voordeelen zeer juist gehandeld. — Pestalozzi's leerwijze, zegt de Schrijffter, • is juist geene geheel nieuwe uitvinding, maar wel eene zeer verftandige en ftandvastige toepasfing van reeds bekende waarheden. Voortreffelijk beantwoordt zij dc tegenwerpingen , welke tegen P.'s leerwijze, zelfs ook door verftandige en bekwame lieden, gemaakt zijn geworden: het moet met achting, jegens de Schrijffter en jegens den braven P. beide vervullen, hetgeen dat zij berigt en oordeelt nopens P.'s perfoonlijk karakter, zijne bijzondere bekwaamheid, om de vatbaarheid der kinderen te ontwikkelen, en zijne onvermoeide zucht en ijver, om het arme en verwaarloosde gedeelte der menschheid bijzonder ter harte te nemen, en voornamelijk nopens de zedelijke en Godsdienftige geest, dje in P.'s fcholen aangekweekt "wordt. Zeer te behartigen is ook de aanmerking, welke mede reeds door anderen aan ' de Regeringen, welke op het invoeren van P.'s leerwijze bedachc waren, is voorgehouden: „ dper de leerwijze van P. na te volgen en in te voeren, z'-'.le men nog geene inrigting, gelijk aan de zijne, overgebragt zien; men moet de ftandvastigheid der leermeesters, de eenvoudigheid der leerlingen, de regelmatige leefwijze, en boven alles, den Èodsdienftigen geest, mede verplanten, welke die fchool

be-