is toegevoegd aan uw favorieten.

Letterkundig magazijn van wetenschap, kunst en smaak, 1817 (Uittreksels en beoordelingen), no 4

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

volks - scheikunde , enz, I 6?

„ pjes, des avonds in donkere bosfchen, op kerkhoven

en dergelijke. ..

tuinman. Ja, Mijnheer! daar hebt gn wel gelijk

Yn- want ik weet nog wel, dat ik mij, als Tuinmans," jonden eens bitter verlegen gemaakt heb, voor een „ aantal lichtjes, die ik, bij eenen donkeren avond,

overal op weg ontmoette. Doch naderhand zeide 1 mijn Baas, dat'dit eene foort van glimwormpjes was , * waarvoor ik niet te vreezen had; en ik heb ze fedeft

ook wel van nabij gezien, en in mijne hand gehad. " heer. Onder de lichtende zelfftandigheden, be„ hoort, inzonderheid, de zoogenaamde phosphorus, „ welken ik tl, bij eene vorige gelegenheid, heb leeren

kennen(*); met dezen op eenen muur gelchreven, „ of geteekend, vertoont zich het Cchrift, of de teeke-

ning, bij eenen donkeren avond, m het hclderlte ,1 licht, en men heeft op die wijze, dikwijls, onkundige H menfehen eenen vreesfeiijken fchrik aangejaagd. —— „ Dus wordt verhaald, dat men bij zekeren ftudent,

die zich onbevreesd verklaard had tegen alle fpoke" rijen, ten tijde dat de phosphorus nog zoo algemeen „ niet bekend was, althans niet bij dezen jongeling,

op den wand van zijne bedftede, regt tegenover zijn ., hoofdeneinde, met phosphorus had gefchreven: cras „ MORlERis ! (Morgen zult gij fterven). De tturtent ,

laat te huis gekomen, en te bedde gegaan zijnde, " en vervolgens zijne kaars hebbende uitgedaan, leest

deze twee woorden, in vurige letters gefchreven, en „ ontzet daarvan zoodanig, dat hij wezenlijk den vol-

genden dag ftierf. "„ tuinman. Foei! dat is verfchnkkehjk. Wat kan

de inbeelding al bij een' mensch niet uitwerken !

„ heer. Dat moogt gij wel zeggen, Baas! maar „ dit geval leert ons tevens, dat men dergelijke kuns,, tjes nimmer te zeer moet overdrijven. Bovendien is het „ fchrijven met phosphorus altijd een gevaarlijk kunstje, ., en daarom niet zeer aan te prijzen. Want de phos„ phorus, wiens lichten, eigenlijk, in eene langza ne „ verbranding beftaai, ontvlamt, ligtelijk, bij de mmlte „ verhooging van warmte, door het aanraken met de „ handen, door de wrijving die dezelve ondergaat, als „ men daarmede fchrijft, als anderzins; zoodat men

» ge-

(*) Zie Folks * Natuurkunde, Bladz. 183.

L 4