is toegevoegd aan uw favorieten.

Letterkundig magazijn van wetenschap, kunst en smaak, 1817 (Uittreksels en beoordelingen), no 8

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

h. w. c. a. vis::er,

germgen, zoowel als den grooten, ten einde de vericlnllende (tanden-,- die de liefderijke Voorzienigheid Veroruencie en het geluk der maatfchappij behoeft, in de •juiste, meest weldadige overéenftemliiiög en evenredig. lv:v', tot elkander gehouden worden, zonder door algenecle ongejijkfoortigbeid zich van elkander te verwijderen , ot tegen elkander geweldig te botfen. De Schrijver r.oemt- en ontwikkelt vervolgens drie onvermijdelijk noodzakelijke vereischten van een doelmatig volksonderwijs. V qorcerst: Je gcheele mensch, dat is, al zijne tegc/iamehjiie, zedelijke en verftandige vermogens moeten ■ontmkkeld, en wel gelijkmatig en op eene doelmatige vijze ontwikkeld worden. Ten tweede: deze krachten en vermogens van den mensch bekeuren te worden ver. perkt , verhoogd en geregeld door ware Godsdienjlige en Zeetel]ite verlichting en befchaving; en, ten derde, brengt nu tot een laatftc vereischte van het volksonderwijs etne zekere mate van tvetenfchappclijkc befchaving.

Hiermede loopt de eerde Hoofdafdeeling af: en nu gaat de Schrijver over tot de tweede, namelijk: om van m hooge belang der maatfchappij, hetwelk inlzoodanig «ccmattg volksonderwijs gelegen is, te overreden, thans beiehouwt bij het eerst den enkelen mensch in het beeld van deszeifs mindere of meerdere volkomenheid; ten tweede wijSt hij aan, dat de noodzakelijkheid vaü het behoud .der juiste evenredigheid tusfehen al de leden fles maatfehappelijkeB ligchaams niet minder fterk fpreekt voor net noog belang van een doelmatig onderwijs; ten deme overweegt hij liet groote belang, zoowel hetgeen, dat ieder ftand heeft bij een doelmatig onderwijs van al de. leden der maatfchappij, als hef belang der geheele maattchappij bij dat van alle ftandèn, hiertoe inzonderheid brengende den ftand van den fchamelen en behoef' tigen; van oen koopman fabrijkant; van den kiL ftenaar; van den rijken en aanzienlijken; van den Gods, dienstleeraar; van den regent, en van den Forst. Voorts beiehouwt lui de zaak uit een tegenovergefteld oogpunt, en beoordeelt hii, welk belang de maatfchappij bij zoodanige vatbaarheid en gefchiktheid. onder alle (landen, en alzoo by een goed volksonderwijs, wat dezelve be« vorderen moet, heeft, de onderfcheidene bovengenoemn^'VQlksItanden daarbij doorloopende; terwül bij, cin■oeJyu . met gepaste aanfpraken, zoo aan den Prëfiden* burgemeester m Burgeineesteren der ftad Sneek, als aan , dg