is toegevoegd aan uw favorieten.

Letterkundig magazijn van wetenschap, kunst en smaak, 1817 (Uittreksels en beoordelingen), no 11

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

handboek, enz. 5^3

Hfpmfs mee dus' «dacht en gefchreyen hebben, maar 2SS inSSS SoSde zekerlijk de bearbeider dezes ïëïort Handhoeks hier zijnen waardigen voorganger ve Serd te heboen. Insgelijas dunkt het ^, dat h.k„« bii^ebraal bewiis voor het beftaan dei Lngeku, uit SonXfe afitand, die er anderzins, tusfehen god ew den n-ensch zou plaats nebben, weinig>^ Jgejt.

'Doch laat ons bever overgaan, om pp^g «at rieer «iet den aard en de ftrekkmg van het WerK. zeg bekend te maken. Het is gefplitst in vier HooW&u* S Het eerfte Hoofdftuk behelst voorloopige Over* gingen over god, de wereld den metneh en <g * Gtffityfe Openbaring; zij zijn deze: oVcr liet beftaan van god- over de volmaaktheid des Scheppers, over

bi' de toelating van het kwaad in de wereld; over de bnlemming van den mensch in het tegenwoordige kv Tver deszelfs beftemming tot een H^ f je* dood; over de voortr, ffelij.kheid van den Godsd ns ; • oir de Goddelijke Openbaring in ^i^r'jÜg zonder in de eerfte tijden der wereld; ovei de Opejr baring gods door jezus christus. _ H tweede Hoofdftuk handelt: over de navolgende twaalf grond waarheden van het Christendom. ^V{17 ,tr Xr waarheid. Er is Jlechts een god , de fM Aiaten • en deze god is de volmaaktfle Geest, ten nooé- :\",J en aanbiddenswaardig. Overdenkingen van deze &ƒi Gods eenheid, geestelijke natuur en onmetege" vo naaktheid; *. God beftaat van -uwtgheid, » onfterfehik, onveranderlijk, almagtig, dwetcud en al-

waarachtig vol goedheid en barmhartigheid. Iwec ie' Grondwaarheid. God *0» door zijne almagtige kracht, gefchapen. Derde Gj.oncr waarheid. God onderhoudt ook alle dingen, die m heeft gefchapen, en regeert de tó»|«ffW tóS SJi Overdenkingen: i. Verklaring ^ GoddJ1'£ Onderhouding en regering; 2. Verdere ontwikkeling ue 7er leer uit de gefchiedenis van jozef. viei.,.„ /grondwaarheid. Alle fchepfelen vjtn Jfff Ld doch in eenen verfchillenden graad; teder t.i aes Ss'ald. Ook de mensch is ^fè^ggl pen en moet, door een ^^./f^^SS iaven, en bijzonder door wijsheid en god«a,ibhe£,

li 4