is toegevoegd aan uw favorieten.

Letterkundig magazijn van wetenschap, kunst en smaak, 1817 (Uittreksels en beoordelingen), no 14

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hendrik en zijne speelgen. de kleine schatk. 659

de Ratten; U' de Muizen; 15. de Kat; verfcheiden zijn aardig om te lezen; maar ons is veel verdichts daarin voorgekomen. Dus kunnen wij niet zeggen, -dat dit Boekje iets uitftekends heeft, waardoor het bevallen:: zou. Recenfent kan bij deze gelegenheid niet nalaten, den Schrijver opmerkzaam te maken op het woord ge.', baarden, hetwelk eigenlijk in dien zin, waarin hij hetzelve wel op vier of vijf bladzijden gebruikt, gebaren: moest heeten: het onderfcheid tusfchen gebaren en ge-, baarden willen wij. nu ook eens aan des Schrijvers nadenken overlaten.

N°. 3- In dit Werkje treft men wel niets meer, of eenige bijzonderheden aan, welke men in de Natuurkundige Leer- of Leesboeken van eenen martinet , uilkens, buis en meer anderen niet vindt; maar het bevallige gewaad, waarin hetzelve gekleed is, namelijk in gefprekken onder wandelingen tusfchen twee broeders en eeneizuster, waarvan de oudfte broeder, ernestus geheeten, het onderrigt mededeelt, geeft hetzelve eenige onderfcheiding, en wij kunnen volhartig betuigen, dat wij het met genoegen hebben gelezen, en prijzen het deswege onzen jeugdigen vrienden en vriendinnen aan. Het zijn negen wandelingen , die ernestlis met zijne zuster enna en zijnen broeder theodorus doet; elk voorwerp der natuur trekt hunne onderlinge aandacht, waaromtrent zij met elkander fpreken, en van daar dus, dat men hier geen fystematisch Natuurkundig onderwijs moet verwachten, maar de onderwerpen zeer verftrooid, en naar mate zij zich aan hun oog opdoen behandeld worden. Zoo handelt , offchöon de inhoud zelf in het Werkje niet wordt opgegeven, de eerfte-wandeling: over de befchpuwing van onzen Aardbol in het algemeen. De tweede: over de Zon en de haar omringende Planeten. De derde: over de Maan en de Sterren.., De vierde: over de Granen, over den Blikfem en Donder, 'en over den Blikfemafleider. De vijfde: over de lucht en derzelver eigenfehappen en onderfchcidene poorten. — Vervolg over de Granen, en over de» Regen. De zesde : over het Gras, de Bloemen en Cesasfn. De zevende: over het W'ater en deszelfs eigenfehappen ; over de Boomen, de Vogelen, en de verdeeling dezer laatfte in 9 ordes. De achtfte: over het Licht en de Lichtftra' len ■ over de Visfchcn.. derzelver verdecling in 5 foorTt 2 ten