is toegevoegd aan uw favorieten.

Letterkundig magazijn van wetenschap, kunst en smaak, 1819 (Mengelstukken), no 8

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

34* VERHANDELING

„ „ gaping of fprong, bij den overgang uit dezen, „ „ tot onzen volgenden ftaat, bij het fterven van „ „ den mensch, zal zijn, indien zijne ziel al aan,, „ ftonds, zonder eenige voorafgaande bereiding, naar „ „ de plaats harer eeuwige beflemming zou overge„ „ voerd worden; ook zou de ziel, zoo van de aarde ,, ,, komende, nog te zeer onervaren, te zeer onge* ,, „ febikt zijn, om uit zulk eenen Haat van kindschiï j, heid, als wij op aarde doorleefd hebben, al aan-

,, flonds, met de gezaligden in den hemel, me; liet t, hemelsch gezelfchap , verftranbaar . en gemeen*

., fcbappelijk, te kunnen verkeeren ?" Neen, wij ,, zullen eerst, als uit den ftaat van kindschheid, tot ,, den ftaat der hemelfche volmaaktheid, vooraf, door „ eenen midden- of tusfehenftaat, moeten voorbereid

worden."

Ten tweede, zeggen zij verder: ,, Onderfcheidene plaatfen , in de Heilige Schrift, geven ook zelve „ veel aanleiding, tot het denkbeeld van zulk eenen „ midden- of tusfehenftaat der ziele, na dit leven, vóór „ de Opftanding: ten minfte is er veel fchijn, dat de „ ziel der afgeftorvene geloovigen niet toe de genieting „ der volkomene gelukzaligheid zal geraken, dan na den „ afloop des algemeenen Oordeelsdag: als daar is bet „ gezegde van den Zaligmaker zeiven, aan zijne Disci„ pelen: „ In het huis mijns Vaders zijn vele wo„ „ nmgen. Ik ga henen, om aldaar plaats te berei„ den, en als ik aldaar plaatfen bereid zal hebben» „ „ dan zal ik wederkomen, en ulieden tot mij nc „ „ men, opdat gijlieden zult zijn, alwaar Ik ben.

,, Wat is die wederkomst van den Zaligmaker anders, „ dan zijne komst, om te oordeelen, de levenden en „ de dooden ?

' „ Ook de Apostel paulus zegt elders, het oog „ hebbende op die geloovigen, welke reeds onder he£ „ Oude Verbond, op de toekomende beloften der za„ hgheid, geftorven zijn: „Zij zullen, zegt Bij» ,, ,, niet vóór ons, tot de volmaaktheid komen," wat „ is de meening van paulus, zeggen zij, hier anders, „ „ dan dat alle geloovigen, zoowel diegenen welke j, ,, onder het Oude Verbond, op de beloften,' of on* „ „ der het Nieuwe Verbond, reeds honderde, of dui„ „ zende van jaren, vóór Hem, zijn geftorven gc», „ weèst; echter niet vóór den afloop des algemeenen

„,» 0or'