is toegevoegd aan uw favorieten.

Letterkundig magazijn van wetenschap, kunst en smaak, 1819 (Mengelstukken), no 10

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE EERZUCHT. 443

tjng van al die pligten, welke wij, in onze betrekking, hoedanig die dan ook wezen moge, verfcbuldigd zijn; doen wij alles goeds, wat onze hand vindt om te doen; laat geene moeite te groot, geen arbeid te zwaar, geene °Poffering ons te, fmartelijk zijn, om het welzijn van anderen te bevorderen, om alles te volbrengen, wat °is geweten, wat God, en wat de menschheid van ons vordert; fchikken wij ons naar den fmaak der Jpenlchen, en de denkwijze der tijden, zoo wij flechts de vrijfpraak onzes gewetens behouden kunnen; achten en keren wij gaarne anderen, want het goede, dat Ylï aan anderen doen, dat mogen wij ook , in dezelfde Strekking, billijk van anderen verwachten; vooral zij °nze toeleg, om meer te zijn dan wij fchijnen, meer °tti lof te verdienen, dan om dien te bezitten. ——

3.) Ën willen wij deze begeerte, zoo zij ons bezielt, °cfiuren tot ons waar geluk en onze wezenlijke volma* zij moet voor ons eene drijfveer zijn, om het poote , het edele, het goede te begeeren, te bedoe[en., zij moet ons bewegen, om dat te worden en te "lijven, wat ons, in het oog van anderen verhoogt, <m de eer der menfchen waardig maakt; zij moet ons aanfnpren, om al onze pogingen aan te wenden, al °nze krachten in te fpannen, opdat wij die verdienden Verkrijgen, waartoe onze aanleg berekend is, en welke ^ij, in onzen kring, bereiken kunnen. Zal be¬

geerte naar eer en roem, in waarheid, ons geluk berderen , zij hebbe dan die hoedanigheden, welke zij ni0et bezitten, zal zij redelijk wezen, en welke wij u draks herinnerden. En begeert gij dit, wilt gij z°° deze begeerte, die onze natuur bezielt, wijzigen, v°rrnen, en'aanwenden, hiertoe kan het volgende die-

j^n YVenscht gij bewaard te blijven, om valfche eer

'e begeeren ? — Herinnert u veel, dat zulk een lof en t?er" ons waarlijk tot oneer en ten fchande zij. )Venscht gü die begeerte te.matigen? Denkt dan deeds, j0e ongefchikt de lof der menfchen zij, om het hart ;e ftillen, de behoeften der ziel te vervullen, waren r°ost en levensvreugde aan te brengen. — Wordt Geze begeerte niet bevredigd, en vindt gij niet, naar UWe waarde, eer en liefde. Dat dit nooit het genoegen J^yes levens roove. bedenk daartoe gedurig: hoe niets°edmdend, hoe onftandvastig, hoe onregtmatig, hoe •Partijdig vaai- net oordeel der wereld zij; denkt aan

zoo